Prefect: actie tegen supportersclubs

Supportersverenigingen van Franse voetbalclubs die betrokken zijn bij ongeregeldheden moeten worden ontbonden. Dat heeft de hoogste regiobestuurder van Parijs, prefect Pierre Mutz, gisteren gezegd na de dood van een supporter van Paris Saint-Germain wiens groep betrokken was bij antisemitische en racistische gewelddadigheden.

PSG wordt sinds vorige week fel bekritiseerd om de lankmoedige houding tegenover zijn supportersclub, de Boulogne Boys. Volgens de binnenlandse inlichtingendienst staat deze supportersvereniging dicht bij extreem-rechts. Maar PSG neemt geen afstand van de supportersclub als zodanig. In het verleden zou de club extreem-rechtse bewakingsdiensten hebben ingeschakeld om de groep beter in toom te houden.

De 25-jarige Julien Quemener was lid nummer 255 van de Boulogne Boys, toen hij donderdagavond werd doodgeschoten door een zwarte politieagent die een joodse supporter verdedigde tegen 100 tot 150 relschoppers die racistische en antisemitische leuzen riepen. De agent gaat vooralsnog vrijuit omdat hij volgens de aanklager heeft gehandeld uit zelfverdediging.

Prefect Mutz zei gisteren dat de politie strenger zal zijn bij het uitvaardigen van stadionverboden. Maar hij onderstreepte dat de rechter stadionverboden zal herroepen als ze niet gebaseerd zijn op concrete ernstige overtredingen. Bovendien verstrijken deze verboden na drie maanden.

Van de driehonderd notoire relschoppers bij PSG hebben er 74 een stadionverbod. Minister van Binnenlandse Zaken Sarkozy beloofde dit weekeinde de tribunes „te verlossen van relschoppers”.