‘Meertalig Europa raakt aan van alles’

Menigeen dacht dat het een grap was, toen onlangs werd aangekondigd dat er een Europese Commissaris voor Meertaligheid komt. Wat is de volgende stap, werd er gevraagd. Een commissaris voor zoetwatervissen én een voor zoutwatervissen?

Maar in het Europees Parlement werd er gisteren wel serieus gepraat over de functie van Leonard Orban, de Roemeen die de nieuwe baan naar verwachting krijgt. Behalve Orban werd ook de Bulgaarse Meglena Koeneva door parlementariërs ondervraagd. Zij mag waarschijnlijk Europees Commissaris voor Consumentenzaken worden per 1 januari.

Op die datum treden Bulgarije en Roemenië toe tot de Unie. Beide landen hebben dan ook recht op een vertegenwoordiger in de Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de Europese Unie. Die telde al 25 leden. Daarom was het even zoeken naar twee nieuwe portefeuilles.

Leonard Orban, die staatssecretaris Europese Zaken was voor zijn land, wordt de baas van de Europese tolken en vertalers. Maar wat gaat hij verder doen? Meertaligheid heeft met van alles te maken, zei hij. Met integratie, met democratie, met economie.

Wat hij concreet moet gaan doen? Parlementariërs droegen tal van mogelijkheden aan. Europa heeft straks 23 officiële talen. Tientallen minderheden zouden hun taal óók graag erkend zien. Kan Orban daar misschien voor zorgen? „Miljoenen kunnen in dit parlement niet in hun moedertaal spreken”, zei Ignasi Guardans Cambó, een Catalaanse liberaal.

En wat te denken van de minderheden in Orbans eigen land, waaronder de Hongaren en de Roma. Aan de Babes-Bolyai Universiteit mocht niet eens een bordje ‘verboden te roken’ in het Hongaars worden opgehangen, wist een van de ondervragers.

Maar Orban was voorzichtig met beloften aan minderheden. „De Roma zijn een belangrijk probleem waar aandacht aan moet worden geschonken”, antwoordde Orban. Ook verder hield hij zich op de vlakte. Eind 2007 komt er een ministersconferentie over meertaligheid. Voor het jaar daarop beloofde hij een ‘actieplan’. Hij zei veel te willen gaan doen met best practises en met ‘multimedia’.

En de ‘dialoog met de godsdiensten’, hoort die ook bij het werkgebied van Orban, wilde de Oostenrijkse socialiste Christa Prest weten. Ook dat wist hij nog niet, zei Orban, „maar in de toekomst zal dat allemaal veel duidelijker worden omschreven.”

In december moet het Europees Parlement formeel instemmen met de benoeming van de twee nieuwe commissarissen.