Leuke dingen zoals de Hel en Vietnam

De roeibond wil niet verder met Josy Verdonkschot als bondscoach van de vrouwen.

„Ik krijg nu waardering voor mijn werk, waarom moet ik dan weg?”

Wat doet een roeicoach die weet dat hij ontslagen wordt? Dingen die hij leuk vindt, stelt Josy Verdonkschot. Hij haalt als IT-adviseur achterstallig werk in, waar hij eerder niet aan toekwam. In januari vertrekt hij op uitnodiging van de wereldroeibond FISA voor een week naar de Vietnamese hoofdstad Hanoi voor een congres met coaches uit Zuidoost-Azië. En in Groningen coachte hij afgelopen zondag bij de Hel van het Noorden een gelegenheidstwee zonder stuurvrouw met Marit van Eupen en Femke Dekker.

Na een dienstverband van bijna tien jaar werd Verdonkschot eind oktober door de roeibond (KNRB) aan de kant geschoven als bondscoach van de Nederlandse vrouwen. En dat was niet vanwege zijn kwaliteiten als trainer. Binnen de KNRB en de nationale selectie was vooral kritiek op het niet aan de start krijgen van een ‘acht’ bij de WK in Eton, eind augustus.

Na olympisch zilver (2000) en brons (2004) van een Nederlandse acht wilde Verdonkschot in 2008 de ontbrekende gouden medaille winnen in Peking. Hij maakte voor aanvang van het seizoen met zijn roeisters de afspraak in Eton in het grootste boottype te starten. Bij de wereldbekerwedstrijd in Luzern veranderde de Commissie Toproeien (CTR) van de roeibond echter van koers, waardoor vrouwen in andere boottypes werden geplaatst en de kans op een acht in Eton zo goed als verkeken was.

Een vertrouwensbreuk met vooral de roeisters in de zware gewichtsklasse was het gevolg. „Ik had moeten vasthouden aan het oorspronkelijke plan en zeggen dat het besluit van de CTR voor mij niet acceptabel was”, zegt Verdonkschot. „In die zin kwam ik mijn afspraak niet na. Anderzijds wilden sommige roeisters zelf in andere nummers dan de acht varen en ging de CTR daarin mee. Dat bracht onvrede in de groep.”

René Mijnders, tot afgelopen zomer bondscoach van Zwitserland, is het nieuwe gezicht bij de vrouwen. „Vanaf de zijlijn bekeken lijkt Mijnders mij een aanwinst voor het Nederlandse roeien. Een goede coach voor de vrouwen, gezien zijn verleden”, prijst Verdonkschot zijn opvolger.

Maar de teleurstelling blijft bij de coach die door roeiers en bestuurders wordt omschreven als eigenzinnig, veeleisend en op technisch vlak sterk. „Het ligt niet in mijn aard om na te schoppen, maar dit verdien ik niet. Ik heb bij de roeibond wel iets meer gedaan dan alleen de zware vrouwen coachen. Ik hoop dat Mijnders mijn werk gaat afmaken, anders is het allemaal voor niks geweest. Ik riep als een van de eersten dat de roeisters eens goed moesten nadenken wat ze eigenlijk wilden. Ik krijg nu waardering voor mijn werk, waarom moet ik dan weg?”

Hoewel Verdonkschot nog met de KNRB in conclaaf moet over de voorwaarden van de beëindiging van zijn contract, heeft „een nationale roeibond binnen Europa” al contact met hem gezocht. Intussen traint hij op de Bosbaan en de Amstel met roeisters die daar behoefte aan hebben.

Verdonkschot coachte bij de Hel van het Noorden een combinatie van partner en wereldkampioene in de lichte skiff Marit van Eupen en Femke Dekker, een van de zware roeisters die zich heeft uitgesproken voor zijn vertrek. Verdonkschot: „Waarom zou dat niet kunnen? Ik heb geen rancune.”

Van Eupen en Dekker roeiden naar een tweede plaats in de zes kilometer lange achtervolgingsrace op het Eemskanaal. De traditionele sluiting van het roeiseizoen door de Groninger Studenten Roeivereniging Aegir dankt de naam aan de vaak barre weersomstandigheden in het laatste weekeinde van november. In het zachte najaarsweer eindigde het gelegenheidsduo na drie weken gezamenlijke training ruim dertig seconden achter Annemiek de Haan en Annemarieke van Rumpt, die in Eton de WK-finale roeiden.

„Dat het afgelopen seizoen teleurstellend is verlopen, betekent niet dat ik Josy geen goede coach vind”, zegt Dekker na afloop. „Integendeel, dat blijkt ook wel vandaag. Maar we hebben als groep een conclusie getrokken. Dat doet wel pijn aan mijn hart. Ik vind het niet leuk te zien hoe hij hier met zijn ziel onder de arm rondloopt.”

Dekker, bij de WK nog lid van de vier-zonder, richt zich komend jaar volledig op de nationale acht. „Met een basis van dertien vrouwen hebben we die afspraak gemaakt. Mijnders heeft bewezen een succescoach te zijn en ik ben blij met zijn aanstelling. Maar als wij in Peking succes hebben, moet iedereen beseffen dat Josy daar ook een aandeel in heeft.”