Kamer is tegen centrum Marhaba

Een meerderheid van de nieuwe Tweede Kamer is tegen Marhaba, het nieuwe Amsterdamse centrum voor moslimcultuur. Volgens de fracties van CDA, SP en VVD is het zinloos om een centrum te steunen dat slechts één cultuur bedient, terwijl het plan juist voorkomt uit de gedachte om de verschillende culturen tot elkaar te brengen.

Marhaba moet het Amsterdamse filiaal worden van de landelijke stichting Kosmopolis, die door debat en voorlichting de dialoog tussen de culturen in de grote steden wil bevorderen. Het huis vraagt jaarlijks 2,1 miljoen euro subsidie, waarvan de helft van het Rijk moet komen.

Kamerlid Frans Weekers (VVD) zal vandaag of morgen schriftelijke Kamervragen stellen aan minister Maria van der Hoeven (Cultuur) over Marhaba. Volgens hem zou steun aan het centrum schending betekenen van het principe van de scheiding van kerk en staat: „Burgemeester Job Cohen wil met Marhaba de gematigde islam promoten. Het bevorderen van een religieuze stroming behoort geen overheidstaak te zijn.”

Zijn collega’s Nicolien van Vroonhoven-Kok (CDA) en Jasper van Dijk (SP) vinden Weekers kritiek wat vergezocht, maar vinden Marhaba wel in strijd met de oorspronkelijke opzet. Van Vroonhoven: „Marhaba wordt in deze opzet een huis voor één bepaald geloof, dat dus geen culturele dialoog tot stand kan brengen.” Van Dijk vindt dat Marhaba een van boven neergeplante club is, die geen wortels heeft in de samenleving: „Het is vooral Job Cohen en zijn vrienden.”

Eerder keerden CDA, SP en VVD in de Amsterdamse gemeenteraad én zes kunstinstellingen zich tegen het centrum. Cohen ontkende eerder reeds dat Marhaba een religieuze instelling zou worden. In het bestuur zitten drie PvdA’ers, partijgenoten van Cohen.