Het populisme wint

Nederland heeft op 22 november niet overtuigend gekozen voor een rechtse of linkse koers, maar voor een specifieke vorm van politiek bedrijven. Marijnissen en Wilders hebben, hoe verschillend hun standpunten ook zijn, iets wezenlijks gemeen: het zijn populisten.

Het zijn politici die zich graag bedienen van pakkende oneliners en er niet voor terugdeinzen de kiezer te paaien met tot de verbeelding sprekende initiatieven die in werkelijkheid aantoonbaar onuitvoerbaar zijn. De verkiezingsuitslag van vorige week is geen aardverschuiving, maar past in een trend naar een populistischere vorm van politiek die met Fortuyn een eerste hoogtepunt bereikte en nu is overtroffen.

Er is behoefte aan meer reflectie, in het bijzonder over de wijze waarop een groot gedeelte van het electoraat de politiek kennelijk bedreven wenst. Het is hoog tijd dat we het populisme serieus nemen en vragen durven te stellen als: valt er nog onder het populisme uit te komen als je als politicus winnen wilt?

De Nederlandse kiezer heeft gekozen voor het populisme. Pas als we die keuze durven te accepteren en, belangrijker nog, respecteren, zullen we niet langer vol verbazing achter de feiten aanlopen, maar beter begrijpen wat politiek bedrijven in Nederland betekent. Vandaag en in de toekomst.