Beau zegt: blikken zonder blozen

Als tv-presentator kom je graag bij de mensen thuis. Het liefst kruip je uit de televisie, over het kleed, langs het glazen borreltafeltje, op hun schoot en fluister je ze een uur lang lieve woordjes in het oor. Aan Mies Bouwman kon je dat zien. Ik sta wel hier, straalde ze uit, met haar mooie, melancholische labradorogen, maar eigenlijk ben ik bij U, thuis, houd ik Uw hand vast en kijk ik, samen met U, naar mij. Is het niet schitterend dat wij, U en Ik, dit, tezamen, beleven? En dan, op het gouden moment, als het vastpakken van je hand: de blik in de camera. De knik met het hoofd naar beneden, een blik van verstandhouding van onder de wenkbrauwen, is dat een traan in haar oog? Mies kon dan zelfs nog even in je hand knijpen. Een combinatie van kwetsbaarheid, inlevingsvermogen, uitstraling, lef en techniek, overgoten met pathos. Paul de Leeuw kan het, maar die hoeft niets van je terug. Jos Brink doet het, maar gebruikt een overdosis pathos. Prem Radhakishun doet het ook, maar die zou ik het liefst met z’n schreeuwerige hoofd door de buis terugduwen in de pot met kokende olie waar hij zojuist uit lijkt te zijn gesprongen. Sonja doet het ook, maar ik verdwaal altijd in haar blik, waaruit je niet kunt opmaken of ze nou je hand wil vasthouden, of afhakken.

Tijdens de verkiezingscampagne werd er weinig in de camera gekeken. Veel meer dan een schalks Wiegelblikje werd het nooit. Toch viel er veel te zien op de gezichten. Jan Peter Balkenende kan echt alle blikken trekken die hij wil, maar je kijkt dwars door hem heen. Het Harry Pottereffect, dat hem eerder zo dwars zat, werkte in deze campagne, volgens mij, juist in zijn voordeel. Als ik hem zag, in al zijn kwetsbaarheid, wilde ik hem een aai over z’n bol geven. Bos maakte een stijve, afwezige indruk, alsof hij de hele tijd met z’n hoofd ergens anders zat. De zure grimas was niet van zijn gezicht af te krijgen. Marijnissen trok zijn briljante Kom-maar- op-blik en Rutte getuigde met zijn voortdurend naar voren gebogen gezicht en wasbord aan rimpels in zijn voorhoofd van een enorme angst. Hij deed het in zijn broek. Hij zei: Ik heb alles onder controle, de VVD vormt één blok en we gaan met banen aan het werk, maar ik hoorde: Het is een chaos, wat doe ik hier, ik haat Rita, waar ben ik aan begonnen, mamma ik kom naar huis! Halsema had te horen gekregen dat ze moest oppassen met haar getormenteerde GroenLinksblik. Dat verongelijkte. En dus lachte ze af en toe en dan brak de zon meteen door op haar gezicht. Maar alle progressieven hebben hetzelfde probleem: ze willen iets veranderen. En dan betekent het dus dat er iets fout is en dan ga je zuur kijken. VVD en CDA willen niets veranderen, ze willen juist dat alles blijft zoals het is. En dan kijk je niet zuur maar tevreden. Je hoeft alleen boos te kijken, als je de verwijten van de concurrenten van je af moet werpen en dat vinden de mensen heel normaal en zelfs wel lekker. Motto verkiezingen 2010, Bassie zei het al: altijd blijven lachen. En Mies inhuren.