Waden door een donker regengordijn

Gisteravond werd de derde editie van de marathon van Suriname gelopen, ter viering van de onafhankelijkheid . „Als iemand hier uitvalt is het niet door de hitte.”

De Guyanees Lionel Dandrade, die als tweede over de streep kwam in Paramaribo. Foto Hijn Bijnen De Guyanees Lionel d'Andrade die uiteindelijk op de tweede plaats zal eindigen in de marathon van Paramaribo na zijn landgenoot Kelvin Johnsson moet net als iedereen door de Tourtonnelaan, die na de forse regenbuien van die middag blank is komen staan. Bijnen, Hijn

Drukkende hitte. Een luchtvochtigheid van bijna honderd procent. Waden door donkere, ondergelopen straten. Avontuur bestaat nog: de marathon van Paramaribo.

Aangemoedigd door duizenden toeschouwers en opzwepende salsamuziek waagden bijna zestig avonturiers, vooral uit Suriname, Guyana, Frans-Guyana en Nederland, zich gisteravond aan de derde editie, georganiseerd door het Surinaamse leger ter herdenking van Srefidensi, de onafhankelijkheid van Nederland.

Wereldrecords zal ‘Paramaribo’ niet opleveren, gezien de tropische temperaturen. Maar een spektakel is het wel. Vlak voor de start, wegens de hitte pas om half zes ’s avonds, werd de stad geteisterd door een waar regengordijn. Doordat de lopers op een enkele plek tot over de enkels door het water moesten, viel de tijd van de winnaar, Kelvin Johnson uit Guyana (2.48,12), enigszins tegen. Maar de meeste aandacht kreeg diens landgenoot Lionel Dandrade, tweede: hij liep de helft van de race op blote voeten omdat zijn natte schoenen knelden.

Op het parcours viel weinig aan te merken, constateerde de organisatie tevreden. Dat vonden ook de meesten van de dertien Nederlandse deelnemers, onder wie Olaf Hoekzema (43) uit Doorn, die een zwak heeft voor ‘andere’ marathons. Hij liep er negen: in Zermatt, Davos, bergop op de Jungfrau, maar ook in de Limburgse grotten, en de Marathon du Médoc, een exemplaar dat water- én wijnstops heeft. „Een marathon in Suriname past goed in dat rijtje.”

Dat vond ook de 64-jarige Pia de Vries uit Capelle aan den IJssel, die op het Onafhankelijkheidsplein in Paramaribo aan haar tiende marathon begon. Ze liep alle marathons na haar vijftigste verjaardag, maar gisteravond stopte ze halverwege. „We liepen vrij snel na het begin tot over onze enkels door het water. Mijn voeten gingen helemaal kapot. Ik ga morgen voor een week de jungle in, dus ik ben maar gestopt. Maar volgend jaar loop ik weer in Rotterdam.’’

Dat doet ook Mike Lie-A-Lien (43, negen marathons), voor wie de Srefidensi-marathon vooral een weerzien was met zijn geboortestad, die hij op jonge leeftijd had verlaten, en nooit meer had teruggezien. Hij finishte net binnen de vier uur, zoals gepland. „Een heel mooi parcours, uitstekend georganiseerd. Ik wil volgend jaar terugkomen, maar dan ga ik voor een snellere tijd.”

Suriname is trots op de marathon. De organisator, de Sporteenheid van het Nationale Leger, wil dat het evenement over enkele jaren op de internationale marathonkalender staat, zegt de voorzitter, luitenant-kolonel Imamhoesein Hussainali van de luchtmacht. „De mensen in Suriname verklaarden ons drie jaar geleden voor gek toen wij begonnen. Zoiets was nog nooit vertoond. Maar wij willen het marathonlopen promoten.” Binnen vijf jaar wil hij „grote lopers” naar Suriname halen, „mannen die hem in twee uur en tien minuten lopen”.

Marathons en Suriname lijken een onwerkelijke combinatie. Maar het evenement valt niet helemaal uit de lucht: de afgelopen jaren worden regelmatig stratenwedstrijden georganiseerd. Vorige week trokken ook al honderden Surinamers, ouderen en schoolkinderen, wandelend, rennend of strompelend door de bloedhete straten.

Drijvende kracht achter die wedstrijden is de Nederlandse ondernemer Jan Groot, die al jaren in Suriname woont. In de jaren negentig organiseerde hij zijn eerste wedstrijd, kort na nieuwjaar. „Om het bier en de oliebollen eruit te lopen. Het nieuwjaarsfeest wordt hier vrij uitbundig gevierd.”

Dat leidde tot de jaarlijkse Bigi Broki Waka: ‘Grote Brug Loop’ in het Sranantongo, over de torenhoge Wijdenboschbrug die beide oevers van de Surinamerivier verbindt. „Er waren zoveel lopers dat we de inschrijving moesten stoppen. Iedereen wilde over die brug rennen.’’

Het lopen slaat aan, zag ook het leger. Voor de organisatie van de eerste Onafhankelijkheidsmarathon klopte men logischerwijze aan bij Jan Groot. Hij zet het parcours uit, en bepaalde de start van de eerste twee edities op vijf uur ’s ochtends. Overdag lopen is geen optie in Suriname. Maar de ochtendmarathon was voor het publiek en sponsors veel te vroeg.

Ook al is de zon na zes uur weg, het blijft loodzwaar voor de lopers, vooral voor Europeanen die niet gewend zijn aan de luchtvochtigheid. „Je verliest hier veel meer vocht”, zegt Groot. Maar als iemand uitvalt, is het meestal niet door de hitte. Om de drie kilometer zijn waterposten neergezet; in internationale marathons is dat elke vijf kilometer. Langs de route staan ruim zestig man medisch personeel.

Door de omstandigheden zal een marathonloper ongeveer twintig minuten meer tijd nodig hebben, zegt Groot. Eindhovenaar Richard Kelleners (38) hield zich keurig aan de statistieken. Hij finishte na drie uur en 45 minuten als achttiende, negentien minuten boven zijn persoonlijk record. „Door de hitte is het veel zwaarder, maar de sfeer is geweldig.”

Hardlopen door donker Paramaribo: gezien de diepe kuilen in de wegen lijkt het vrágen om gescheurde enkelbanden. Maar dat valt mee. Jan Groot stippelde een bijna spiegelglad asfaltparcours uit. „Openbare werken heeft de afgelopen weken alles gedicht. We hebben de verlichting gecontroleerd. Politie, leger, medische diensten, openbare werken: ze werken perfect samen.’’