Lugansky is één met Rachmaninov

Concert: Nilolai Lugansky, piano. Gehoord: 26/11 Concertgebouw Amsterdam.

De echte helden van de Russische meesterpianist Nikolai Lugansky zijn niet pianisten, maar componisten, vooral Rachmaninov. „Hoe vaker ik hem speel, hoe verliefder ik word op zijn muziek.”

De helft van de composities op Lugansky’s recital in het Amsterdamse Concertgebouw was dan ook van Rachmaninov, die zulke grote handen had dat hij moeiteloos akkoorden met een spreiding van méér dan een octaaf kon grijpen. Wie Rachmaninov speelt heeft veel techniek nodig om zich ongeremd te laten meesleuren door de melancholieke golfstromen van zijn turbulente muziek.

Lugansky’s ingetogen maar onverschrokken virtuositeit is van zo’n hoge kwaliteit, dat hij zich al vanaf de eerste maat van Rachmaninovs 6 Moments musicaux, op. 16 in het hart van deze suggestieve compositie bevond. Net als Rachmaninov zelf, neigt Lugansky naar een koperkleurig toucher, waarmee hij de vleugel kan laten fluisteren, zingen of brullen zonder de oren van zijn publiek te beledigen. Zo lieten de expansieve sfeertekeningen van Rachmaninov zich beluisteren als broeierige droombeelden, waarin Lugansky alle hoofd- en bijzaken op een grandioze manier met elkaar in evenwicht wist te brengen.

Rachmaninovs Tweede pianosonate klonk als een gezamenlijke oproep van de componist en de pianist om groots en meeslepend te leven én te sterven. Ook hier bracht Lugansky helderheid en licht in de complexiteit van stemmen en tegenstemmen, die bij Rachmaninov soms doet denken aan een slangenkuil vol kronkelende demonen. Lugansky koppelt de kwaliteiten van een klassiek bouwmeester aan een bijna ego-loze empathie en verzandt nooit in een emotionele zwelgpartij.

Met rijke verbeeldingskracht schetste Lugansky de wonderlijke scenes uit Gaspard de la Nuit van Ravel, waarbij hij bijna zintuiglijke gewaarwordingen opriep van waterdruppels, spinrag, stormen en doodsklokken. En in de Prélude, Choral en Fugue, op. 21 van Franck huldigde hij met lenige handen vol romantische guirlandes de rijke nalatenschap van J. S. Bach, zonder wie dit magistrale pianowerk van de Belgische ‘père angélique’ nooit zou zijn geschreven.