London Calling had nog hipper en cooler gekund

London Calling. Gehoord: 24, 25/11 Paradiso, Amsterdam.

De Buddy Holly-bril is weer helemaal terug in de popmuziek, net als de ‘smiley’ en de lichtgevende armbandjes van de vroege houseparty’s. London Calling is niet alleen de halfjaarlijkse graadmeter van alles wat jong, fris en hip is in de Britse popmuziek, ook modeverschijnselen worden er vroeg gesignaleerd. Dit weekeinde waren er veel Britten met piekhaar dat alle kanten uit steekt. Maar ook meisjes die in de ultrahippe new rave-beweging waren behangen met glowsticks.

Traditioneel besteedt London Calling veel aandacht aan gitaarbands, een rijk aandachtsgebied nu één op de twee jonge Britten in het kielzog van Kaiser Chiefs en The Arctic Monkeys zelf een band lijkt te zijn begonnen. Veel van die groepen zie je nooit meer terug, maar bands als Libertines, Franz Ferdinand en The Kooks begonnen hun zegetocht op het internationaal gevierde festival.

In het gitaargenre waren er veel onderlinge inwisselbare bands: The Holloways, Milburn, Boy Kill Boy, Little Man Tate met hun grappige lied Man I hate your band. De twee uitgesproken publiekstrekkers stelden teleur. The Rifles raffelden hun The Jam-achtige powerrock af met hautaine desinteresse. The Automatic bracht zijn hitgevoelige meeschreeuwrock met zoveel stormkracht dat de muziek boven de hoofden van het publiek uit elkaar leek te spatten.

In het bovenzaaltje van Paradiso floreerden The Pigeon Detectives die het publiek actief bij hun levendige springpunk betrokken en Mumm-Ra met fantasierijke rock in driemansbezetting.

Guillemots, vorig jaar nog triomferend in het bovenzaaltje, overspeelde zich met jazzy bombast in de grote zaal. Bromheads Jacket uit Sheffield daarentegen, ook een groep die na een eerdere triomf terug mocht komen op het festival, maakte de belofte van opwindende herriemuziek helemaal waar, compleet met een reprise van de eerder dit jaar vertoonde act van een hevig bloedende zanger die zijn gitaar uit frustratie stuk sloeg.

Kleine opstekers waren er van Jamie T, een soort The Streets met praatteksten in rockverpakking, 747’s met melodieuze gitaarpop en The Maccabees die het oude powerpop-gevoel terugbrachten. Het summum van cool volgens de New Musical Express is het bovenmaatse ziekenfondsbrilletje van de gitarist van The Young Knives, een studentikoos type dat zich The House Of Lords noemt in een groep die zich fanatiek stortte op new wave-achtige hoekigheid in de trant van oude voorbeelden XTC en Talking Heads.

Meer van dat soort nieuwe lulligheid komt naar boven bij de veel gehypete new rave-beweging, wat mager vertegenwoordigd door een op zich explosief optreden van The Klaxons. Met techno-rave in muzikale zin heeft hun dansmuziek in rockbezetting weinig te maken. Maar het viertal creëerde een aanstekelijke groove met een dieselgestookte ritmesectie, gierende old school-synthesizers en (heel bijzonder in hippe dansmuziek) meerstemmige unisonoteksten in plat Engels die ondanks het uitblijven van cd-werk van The Klaxons al door velen werden meegezongen. London Calling had meer van dit soort sensaties kunnen gebruiken. Nu bleef het zoeken naar een groen fluorescerend lichtpuntje in een lange reeks fier vooruit stekende gitaarhalzen.