‘Een eerlijke president haalt belasting binnen’

De Boliviaanse president Evo Morales brengt vandaag een werkbezoek aan Nederland, op zoek naar steun voor de opbouw van zijn arme land. „Wij willen het volk dienen. Dat is de traditie van indiaans leiderschap.”

Voor de Boliviaanse president Evo Morales is de dag vroeg en goed begonnen. Tijdens een matineus interview in zijn Haagse hotel reageert hij verheugd op het laatste nieuws uit Ecuador, waar de linkse kandidaat Rafael Correa afstevent op een ruime zege in de presidentsverkiezingen van gisteren.

„Ik ben erg tevreden. Dit is een triomf voor de volksbeweging en voor de indianen in heel Latijns Amerika. Ik verwacht dat Correa het vrijhandelsverdrag met de Verenigde Staten niet zal tekenen. Daar ben ik ook blij mee. Zo’n verdrag is niks voor onze landen. We stellen daar ons eigen ‘handelsverdrag van de volken’ tegenover: handel van volk tot volk waarin ook plaats is voor de kleine en micro-ondernemingen en de coöperaties.”

Op het steeds verder naar links hellende continent neemt de 47-jarige Morales een bijzondere plek in. De voormalige leider van de Boliviaanse cocaboeren is een Aymara-indiaan; de eerste die het hoogste ambt in zijn land bekleedt.

Bijna een jaar geleden werd hij met 54 procent van de stemmen gekozen door de overwegend Indiaanse bevolking van Bolivia. Verkiezingsbeloften over de nationalisatie van het Boliviaanse gas en inbeslagname van ongebruikte landbouwgrond zijn in het eerste jaar nagekomen.

Ook zijn (ideologische) vriendschap met collega Hugo Chávez van Venezuela en de Cubaanse leider Fidel Castro valt op. Met name de Verenigde Staten bekijken het groeiende linkse gezelschap in het zuiden met argwaan. Lachend zegt Morales: „Ze noemen ons de As van het Kwaad, maar we zijn de As van de Mensheid.”

Met trots vertelt Morales dat onder zijn bewind de inkomsten van de staat drastisch zijn toegenomen. „Van een begrotingstekort stevenen we nu af op een overschot. Dat komt door drie factoren.

„Ten eerste: de bezuinigingen die we doorvoeren. Bij andere regeringen was de eerste gedachte altijd: stelen, stelen, stelen. Wij willen het volk dienen, dat is de traditie van indiaans leiderschap. Zo heb ik het presidentiële salaris met meer dan 50 procent verlaagd.

„Ten tweede: eerlijkheid en transparantie van de president leidt ertoe dat het volk nu belasting begint te betalen. De fiscale inkomsten zijn met bijna 50 procent gestegen dit jaar. Indrukwekkend!

„Ten derde: onze politiek van nationalisering van het gas. Voordien streken buitenlandse ondernemingen 82 procent van de inkomsten op en Bolivia 18 procent. Vóór de nationalisering ontvingen we 230 miljoen dollar per jaar voor het gas, nu gaat dat naar 1,3 miljard dollar. We hebben met 44 buitenlandse bedrijven contracten afgesloten voor exploratie en exploitatie van het gas. In vier jaar tijd kunnen we naar een opbrengst van vier miljard dollar gaan.”

Van wittebroodsweken met de oppositie is nooit sprake geweest, maar recentelijk lijkt het politieke klimaat in Bolivia zich verder te verharden. Na een toespraak van Morales afgelopen vrijdag in het bolwerk van de oppositie, de stad Santa Cruz, werden stenen naar zijn auto gegooid. De politie dekte de aftocht met traangas – waarmee Morales in zijn tijd als oppositieleider zelf veelvuldig in aanraking is gekomen.

„Sinds dag één van mijn presidentschap is er permanente vijandschap van de oligarchie geweest tegen mijn persoon en tegen de politieke en sociale volksbeweging. De oligarchie wil geen afstand doen van haar privileges. Ik heb veel doodsbedreigingen ontvangen.”

Ook de verhoudingen met de Verenigde Staten lijken moeizaam – regular, gewoon, zegt Morales zelf. Hij spreekt wel van „vele kleine provocaties” door de Amerikanen. Zo was, vertelt Morales, de Amerikaanse ambassadeur in La Paz afwezig toen het hele corps diplomatique de nieuwe president kwam begroeten.

Grootste pijnpunt voor de VS is de bestrijding van de cocateelt in Bolivia. Voormalig boerenleider Morales hamert op het onderscheid tussen coca en cocaïne en zegt: „De militaire aanpak is mislukt en heeft tot veel doden onder de boeren geleid. Wij hebben een programma van vrijwillige afbouw van de cocateelt dat wordt uitgevoerd door de volksorganisaties. Volgende maand maken we de resultaten daarvan bekend.”

Eind deze week wil Morales in Cuba de tachtigste verjaardag van Fidel Castro vieren. Weet de Boliviaanse president hoe het met zijn zieke Cubaanse vriend is? „Goed. Ik heb de laatste tijd zelf geen telefonisch contact met hem gehad, maar ik begrijp van onze ambassadeur dat hij hersteld is. Ik bewonder hem zeer, en vooral de onvoorwaardelijke hulp die Cuba ons biedt.”