Wie aan geld denkt, heeft geen andere mensen meer nodig

Euromunten in opslag bij De Nederlandse Bank. Denken aan geld zorgt dat mensen anderen minder helpen, en zelf weinig hulp zoeken. foto sake elzinga 05-02-2001-Nederland-Lelystad, De Nederlandse Bank. Opslag en distributiecentrum van de Euro munten. Dagobert Euroteam Foto: Sake Elzinga Elzinga, Sake

Geld maakt niet gelukkig, geld maakt individualistisch. Denken aan geld, of aan rijk zijn, is al genoeg. En zelfs als mensen niet bewust aan geld denken, maar als het idee door slimme psychologen bij hen wordt geactiveerd zonder dat ze het zelf duidelijk doorhebben (priming heet dat), raken die mensen daardoor in een ‘ ieder voor zich’-stemming.

Dat schrijft een team van psychologen, onder leiding van Kathleen Vohs van de universiteit van Minnesota, deze week in Science. De psychologen beschrijven een reeks van negen experimenten waaruit consistent bleek dat mensen die aan geld en rijkdom waren herinnerd, onafhankelijker werden, minder snel hulp vroegen aan anderen en ook minder bereid waren om zelf iemand te helpen dan mensen in een controlegroep.

In één van hun experimenten lieten de psychologen een deel van hun proefpersonen woordpuzzeltjes maken met woorden als ‘geld’ en ‘salaris’ erin. Een andere groep kreeg hetzelfde type puzzeltjes zónder geldgerelateerde woorden, maar bij hen lag er wel een stapeltje monopolygeld in het zicht op tafel. Een controlegroep kreeg alleen de geldloze taalpuzzels. Daarna kregen de proefpersonen nog een moeilijke logische puzzel voor hun neus, met de mededeling dat ze daarbij om hulp konden vragen. De mensen uit de twee groepen die met geld geprimed waren, werkten langer in hun eentje door voordat ze hulp vroegen dan de controlegroep. Ook vroegen mensen die voor een camera een essay hadden moeten voorlezen over opgroeien in een rijk gezin, minder snel om hulp dan mensen die een essay over een arm gezin hadden voorgelezen.

De gedachte aan geld maakte mensen niet alleen minder hulpbehoevend, maar ook minder behulpzaam. Uit vervolgexperimenten bleek dat met geld of rijkdom geprimede mensen minder tijd besteedden aan het helpen van een medeproefpersoon, dat ze net iets minder potloden opraapten voor iemand die voor hun neus een hele doos had laten vallen, en dat ze minder geld gaven aan het studentenfonds waarvan een collectebus bij de deur stond.

En tot slot leidde een geldprime ertoe dat mensen liever dingen in hun eentje deden. Zo werkten mensen die tegen een screensaver of een poster met bankbiljetten hadden aangekeken liever solo aan een creatieve opdracht dan samen met iemand anders, en verkozen ze individuele kooklessen boven een etentje voor vier. Een poster of screensaver met vis of bloemen had dat effect niet. Ook zetten met geld geprimede mensen bij een kennismakingsgesprek de stoelen verder uit elkaar: gemiddeld 1,20 meter in plaats van 80 centimeter, zoals de controlegroep deed.

Wie aan geld hebben denkt, heeft genoeg aan zichzelf, concluderen de psychologen. Volgens hen verklaart hun onderzoek ook waarom bijvoorbeeld economiestudenten individualistischer zijn dan de gemiddelde student, wat uit ouder onderzoek blijkt. En waarom geld vaak wordt gezien als het grootste goed – er valt van alles mee te bereiken – én als het grootste kwaad: het drijft mensen uit elkaar. En omdat verbondenheid zo belangrijk is voor mensen, maakt geld dus uiteindelijk niet gelukkig.

Ellen de Bruin