Schikking rond Mannesmann

Een van de meest opzienbarende rechtszaken uit de geschiedenis van het Duitse bedrijfsleven eindigt waarschijnlijk met een schikking. De aangeklaagden in het proces over miljoenenpremies die aan het management van Mannesmann werden betaald na de overname door Vodafone zijn bereid om voor ruim 5 miljoen euro te schikken. Het Openbaar Ministerie in Düsseldorf is akkoord. Volgende week moet de rechter zich nog over de zaak uitspreken.

Mannesmann en Vodafone raakten eind 1999 verwikkeld in een spectaculair overnamegevecht. Na vier maanden gaf Mannesmann zich gewonnen. Het Britse Vodafone kon het Duitse industriële conglomeraat inlijven. De managers van Mannesmann kregen premies en pensioenregelingen ter waarde van 57 miljoen euro. De commissarissen vonden de vergoedingen terecht, omdat het halsstarrige verzet tegen de Britse avances de aandelenkoers had verdubbeld. Volgens het OM handelde men te kwader trouw: de managers kregen Mannesmann-geld zonder daar een prestatie voor geleverd te hebben.

Tot de aangeklaagden behoren voormalige bestuursvoorzitter Klaus Esser, die 15 miljoen kreeg, en Josef Ackermann, de huidige bestuursvoorzitter van Deutsche Bank. Ackermann zat destijds in het presidium van de raad van toezicht en keurde de premies goed. Hij kreeg geen geld. Esser is bereid om een boete van 1,5 miljoen te betalen, Ackermann wil - uit eigen zak - 3,2 miljoen betalen.

In 2004 werden commissarissen en managers vrijgesproken, maar het oordeel werd in hoger beroep vernietigd en zaak terugverwezen.

Enkele weken geleden begon in Düsseldorf het tweede proces.