Opgeven herstel publieke moraal is zorgwekkend

Schrijver Harry Mulisch heeft gelijk als hij het verwijt van de premier van een ”angstwekkende stilte” onder intellectuelen beslist van de hand wijst (Opinie & Debat, 18 november). Maar Mulisch verzuimt hier dieper op in te gaan, en dat is bij Balkenendes beroep op hem als éminence grise van de Nederlandse schrijvers een gemiste kans. Beiden lijken het er heimelijk over eens, dat voor de medemens geen rechtstreeks engagement meer nodig is. Mulisch behoudt dit voor aan de dierenwereld, Balkenende aan de economie. Solidariteit bestaat zo alleen nog afgeleid, een aanhangsel van dierenliefde respectievelijk de economische conjunctuur. Nu de publieke zaak mét de aan de burger `teruggegeven verantwoordelijkheid` zo is uitgehold, verbaast het niet dat Balkenende engagement ontbeert in zijn CDA-programma, waarin het primaat bij de economie ligt - en dat hij dit dús elders moet zoeken.

Waarom legt Mulisch, in plaats van zich als intellectueel boegbeeld `vereerd` te tonen, niet de vinger op de zere plek? Door het overhevelen van zijn engagement naar het dierenrijk legitimeert hij zo ook Balkenendes `begrotingstekort` inzake normen en waarden, dat de intellectuelen nu eventjes moeten aanzuiveren. Het siert Mulisch dat hij zich hier niet voor leent. Maar bruggen bouwen tussen mensen en herstel van de publieke moraal heeft ook hij blijkbaar opgegeven als achterhaald. Dát vooral lijkt mij zorgwekkend.