Hebbedingen

Als u dit leest, is het waarschijnlijk al te laat. Misschien heeft u dit exemplaar van de krant in de losse verkoop gekocht. Of heeft u eerder vanochtend een pak melk en wat croissantjes gehaald. Of heeft u net die nieuwe plasma-tv aangeschaft.

Maar vandaag is het International Buy Nothing Day. In het Nederlands is dat de ‘Internationale Niet-Winkeldag’ geworden – een tikkeltje onbegrijpelijk, want als Nederlanders wel ergens goed in zijn, dan is het winkelen zonder iets te kopen. En niet-kopen, daar gaat het om. Buy Nothing Day is een 24 uur lang protest tegen de groteske overconsumptie in de Westerse wereld. Het initiatief, gestart door een individuele kunstenaar in Canada in 1992, werd al snel geadopteerd door het toonaangevende blad Adbusters, en wereldwijd overgenomen. In Amerika is het protest een dag eerder dan hier, op de dag na Thanksgiving, vanouds een van de drukste koopdagen van het jaar.

Buy Nothing Day doet exact wat er op de verpakking staat: 24 uur lang niets kopen. Dat lijkt wel te overzien, maar valt nog niet mee in de praktijk. Er is planning voor nodig. Een gek idee eigenlijk dat we dit nog niet zo heel lang geleden allemáál deden, iedere week, op zondag – gewoon omdat we geen andere keus hadden. Het leek toen ook helemaal niet nodig dat we ook op zondag boodschappen konden doen. Laat staan om drie uur ’s nachts, zoals nu op internet.

Nee, nódig is het niet, om 24/7 boodschappen te kunnen doen, maar het went zo verdomd snel. Daarom, schrijft Adbusters, ‘herinneren we onszelf er 24 uur lang aan, iedere november, dat niemand is geboren om te shoppen.’ Dat gaat gepaard met tal van projecten van kunstenaars en actiegroepen – in Nederland onder andere van studenten van de Willem de Kooning Academie in Rotterdam; in New York van de bekende malloot en performance-artiest Reverend Billy met zijn Church of Stop Shopping. (‘Remember children... Love is a Gift Economy!’)

Maar is het wel nodig zo radicaal op te houden met consumeren om iets bij te kunnen dragen aan het milieu, de derde wereld, dieren in nood en andere zielige gevallen? Een nieuw Nederlands tijdschrift meent van niet. Goodies, waarvan het eerste nummer net is verschenen, is een blad voor ‘de nieuwe mens’, ‘mensen die bewust en (h)eerlijk willen leven.’ Dit in contrast met de ‘oude’ mens die, nemen we aan, stug slaapwandelend en oneerlijk tot op het bot door het leven ging. Nee, dan de nieuwe mens, die ‘is optimistisch en realistisch.’ Zo’n nieuwe mens ‘houdt van heldere informatie’ en is, heel verfrissend, ‘op zoek naar een balans tussen werk en vrije tijd.’ En hij ‘kan relativeren.’ Kijk, dat hadden we vroeger niet!

Wat is het geval? Uit onderzoek van trendwatchers en andere onzinbureaus blijkt dat zo’n 80 procent van de Nederlanders de ‘intentie’ heeft om ‘bewuster en duurzamer’ te gaan leven – whatever that means. Alleen weten ze niet goed hoe. Want het moet wel ‘leuk’, ‘glamoureus’ en ‘hip’ blijven. ‘Opoffering’ is een vies woord, net als ‘politieke overtuiging’. Een gat in de markt, kortom, voor een blad dat kan uitleggen hoe je ‘bewust en duurzaam’ heel veel geld kunt uitgeven. Het is maar dat hoofdredacteur Fons Burger in zijn voorwoord zegt dat het blad niet is bedacht door slimme zakenlieden, want als ik een slimme zakenvrouw was, zou ik het wel weten.

Tussen de advertenties door staan immers leuke rubrieken als ‘Gespot’, met nieuwe dingen die je kan kopen of plekken waar je geld uit kan geven, zoals een boekenwinkel voor kinderen in Beijing – handig! Of ‘Gekocht’, met meer dingen die je kan kopen zoals trainers, designlampen, iPods. Grappig trouwens, een pagina eerder staat nog een dubbele advertentie voor iPods! Daarna komt ‘Gezien’, meer plekken waar je je geld kunt uitgeven, en ‘Gedaan’, met aandacht voor projecten gubba.nl en het Ministerie voor Leuke Zaken – ook toevallig, die hebben weer advertenties verderop in het blad! En ‘Gekookt’ (messen vanaf 179 euro).

Goed, het kost een duit, dat ‘eerlijk en bewust’, maar dan heb je ook wat. ‘Lingerie van eerlijke origine’ bijvoorbeeld, met een body van Armani van 189 euro, of een nieuwe prullenbak van 290 euro – wel even de oude duurzaam wegdoen! Er zijn ook nog rubrieken ‘web-shoppen’, ‘web-mobiel’ over auto’s (je kunt trouwens ook nog een auto winnen in dit nummer, een ‘milieuvriendelijke’) en ‘web’-ga-zo-maar-door. Plus handige tips voor op verre reizen, zoals ‘verantwoord afwimpelen’. Een reportage over vrijwilligerswerk, in de vorm van een mode-shoot. En meer dingen om te kopen. Design-afval. Gezichtsolie. En hee, alweer een mode-shoot!

Ik zie het wel, ik zal deze samenvatting voortijdig moeten afbreken. Want er staan ook artikelen in het blad. Nu is het gekke dat die artikelen terloops melding maken van producten – Fair Trade levensmiddelen, Kuyichi spijkerbroeken – waarvan er óók weer advertenties terug zijn te vinden. Om nog maar te zwijgen van de ‘advertorial’ van Solidaridad – een van de initiatiefnemers van Goodies – waarin weer andere adverteerders als Campina genoemd worden.

Volgens Jacqui Burger van Goodies is dat toeval – advertenties en redactioneel zijn strikt gescheiden, vertelt ze aan de telefoon. Goodies richt zich trouwens op mensen die toch al heel veel consumeren, dus kunnen ze beter duurzaam en eerlijk heel veel consumeren, begrijp ik. Waarom het blad niet op kringlooppapier is gedrukt zal ons binnenkort nog uitgelegd gaan worden op de website.

Er zit natuurlijk een hint in de naam. ‘Goodies’ is in het Engels helemaal niet de goede versie van ‘baddies’, maar het betekent zoveel als ‘hebbedingen’. De makers van Goodies, aldus het voorwoord, vinden zichzelf ‘zeker niet volledig zuiver op de graat.’ Eerlijk? Dat weer wel.

corine vloet