Vanaf morgen niet meer: al die opiniepeilingen

Koffieautomaatgesprekje van afgelopen dinsdag:

- Weet jij al op wie je gaat stemmen?

- Ja ik denk het wel. Zeker niet op het CDA, maar op de partij die daarna het grootste wordt. De SP dus.

- Eeh? ‘De SP dus’?

- Ja, dat is nu toch de tweede partij van Nederland?

- Oh. Ik dacht dat de PvdA juist weer bijna net zo groot was als het CDA. Zag ik gister op tv.

- Ja, maar ik zag het ook op tv!

Dat krijg je met al die peilingen: de waarheid bestaat opeens niet meer. Elke week, op het eind zelfs elke dag, weer een nieuwe stand van het land, door drie bureaus die allemaal een ander beeld geven.

En de cijfers van de enquêtebureaus, hoeveel ze ook van elkaar verschilden, hebben grote invloed gehad op de campagne. „Wie in de peilingen wint of verliest, wordt belangrijker nieuws dan de inhoudelijke verschillen tussen de partijen”, zoals afgelopen woensdag in deze krant stond.

Het is ook heel moeilijk om de peilingen te negeren. Dat lukte ook de redactie van nrc.next niet, we wilden niet elke dag een nieuwe virtuele tussenstand als ‘nieuws’ presenteren. Maar het bleek een illusie om de peilingen te negeren, juist omdat die peilingen zo’n grote rol speelden.

Geert Wilders was in het debat woensdagnacht (terecht) boos. Hij wees op de uitslag en zie: zijn partij blijkt een factor van belang, dus hij had tijdens de campagne ook voor de lijsttrekkersdebatten uitgenodigd moeten worden, vond hij. Wilders werd echter niet uitgenodigd, onder andere omdat zijn partij in de peilingen klein bleef.

In de aanloop naar de verkiezingen werden we doodgegooid met al die opiniepeilingen, maar ook nu, ná de verkiezingen is het nog niet voorbij. Want nu wordt er weer veel nagepraat over en met die opiniepeilers. Bijvoorbeeld over die grote verschillen in de exit polls van woensdagavond van de RTL (van TNS-NIPO) en de NOS (van Maurice de Hond) – die allebei flink wat zetels naast de werkelijke uitslag zaten, ieder op zijn eigen manier. En dat zijn de bureaus die ons bij de campagne op de hoogte hielden van ‘ons stemgedrag’.

Hoe vaak ik tijdens de campagne niet heb gehoord: ‘die peilingen, daar zou het eens mee afgelopen moeten zijn’, of zelfs: ‘ze zouden het eigenlijk moeten verbieden’.

Nu is een algeheel verbod onzin, maar een beetje minder zou wel mogen. Het is alleen nog wachten op de ‘representatieve steekproef onder de Nederlandse bevolking’ met de vraag: ‘Wordt u ook een beetje moe van al die peilingen?’ (En als bonusvraag: ‘Bent u wel eens gepeild door Maurice de Hond?’)