Doorzonmensen kozen een uitlaatklep

De Partij voor de Vrijheid is een van de grote winnaars van de verkiezingen.

Hoe is dat te verklaren?

Vergezeld door zijn onafscheidelijke bewakers loopt Geert Wilders door de gangen van de Tweede Kamer. In de Troelstrazaal wachten de acht fractiegenoten die hij sinds gisteren heeft. Ze ontvangen hem met applaus.

Wilders is met Jan Marijnissen en André Rouvoet de winnaar van de verkiezingen van 2006. Van eenmansfractie zonder naam naar een partij met negen zetels in de Tweede Kamer. Wie had dat gedacht?

Wilders is, zegt hij, door sommige collega’s niet gefeliciteerd. „Dat zag er een beetje zuur uit.” Paul Witteman wierp tijdens het tv-debat na afloop van de verkiezingen de vraag op welke partij met de Partij voor de Vrijheid (PvdV) in een coalitie wil zitten. Toen niemand antwoordde, zei Wilders: „Als nu iedereen zwijgt en als een schaap naar het plafond zit te staren, dan is dat toch wel heel erg triest.”

De gevestigde orde heeft, herhaalt Wilders een dag later, een „cordon sanitaire” rondom de PvdV gelegd. Hij hoort er niet bij. De andere partijen zeggen dat het andersom is: het repertoire van Wilders is volgens bijvoorbeeld premier Balkenende zo beperkt en radicaal, dat er van samenwerking geen sprake kán zijn.

Wilders heeft, zegt publicist Bart Jan Spruyt, uiteindelijk een groot deel van de ‘kiezers op drift’ weten te vinden. Met die figuur hield elke politieke partij in strategische analyses wel rekening. Uit analyses van bureau Motivaction, dat met meerdere partijen samenwerkt, blijkt dat vooral kiezers in de ‘moderne burgerij’ al jaren niet meer weten wat ze moeten stemmen. Het zijn conservatief ingestelde burgers, die respect en fatsoen belangrijk vinden. Soms stemmen ze niet, in 2002 kozen ze de vermoorde Pim Fortuyn, in maart van dit jaar gingen ze naar de PvdA. Nu profiteren de SP en Wilders. Spruyt: „In opiniepeilingen gaven ze niet aan dat ze op hem zouden stemmen, maar in het stemhokje kleurden ze toch zijn vakje in. De gordijnbonus wordt dat al genoemd.”

Wie kiest voor Wilders? Op weg naar zijn nieuwe fractie zegt hij: „Dat zijn heel gewone mensen, werkende mensen.” In februari 2004 had hij ‘zijn aanhang’ zo omschreven: „Doorzonmensen, zeg maar, met een eigen huisje, één luxe vakantie per jaar, actief in het verenigingsleven. Nee, ze wonen niet alleen in Wassenaar of Bloemendaal, ze komen ook uit Almere, Winschoten en mijn eigen Venlo. Heel gewoon allemaal.” Vaak mensen die zelf niet of nauwelijks te maken hebben met andere culturen.

Concurrent Marco Pastors had op die groep onvoldoende aantrekkingskracht. Hij voerde een gematigder campagne, was te vriendelijk, te genuanceerd, menen politiek deskundigen als hoogleraar communicatiewetenschap Jan Kleinnijenhuis (VU).

In het najaar van 2004 stapte Wilders uit de VVD-fractie en begon hij de Groep Wilders, omdat hij het oneens is met de Turkse toetreding tot de Europese Unie. Spruyt denkt dat Wilders het goed had gezien. „Bij een grote groep burgers leeft nog steeds een fortuynistisch sentiment. Dat heeft een uitlaatklep gevonden bij Marijnissen en Wilders. Wilders is kritisch over Poolse werknemers in Nederland, bijvoorbeeld. In een groot deel van de bevolking leeft dat protectionisme ook sterk, terwijl je veel partijen daar niet over hoort.”

Spruyt, oud-directeur van de Edmund Burke Stichting, was tot deze zomer de ideoloog van de PvdV. In augustus stapte hij uit de partij. Met Wilders, zegt hij, viel niet samen te werken. Spruyt hoopte dat Wilders aansluiting zou zoeken met andere rechts-conservatieve politici, zoals Marco Pastors en Joost Eerdmans. De samenwerking liep op niets uit, volgens Spruyt, destijds, omdat Wilders andere rechtse politici als ‘fortuynistische elementen’ beschouwt. Hij wil daar niet mee worden verbonden. Wilders schreef zijn eigen beginselmanifest. (zie inzet)

Kleinnijenhuis veronderstelt dat de verschijning van Wilders, „dat rare haar vooral”, ook een rol speelt bij het succes. Evenals de beveiliging van de lijsttrekker; waar hij komt, zie je bewakers. Sinds zijn uitspraken over de islam, de moslims, uitspraken die hijzelf ook hard noemt, wordt Wilders bedreigd. De moord op cineast Theo van Gogh, in november 2004, leverde Wilders succes op in peilingen, maar ook meer bedreigingen. „Je ziet dat hij zelf te lijden heeft van zijn opvattingen, dat spreekt mensen aan”, zegt Kleinnijenhuis.

Hij verwijst naar de uitspraak van nummer 2 op de VVD-lijst Rita Verdonk. „Zij liet vlak voor de verkiezingen weten wel vice-premier te willen worden, waardoor de kiezer dacht dat het toch weer om het baantje ging.” Dat leverde Wilders stemmen op.

Toch heeft het iets ironisch, zegt Spruyt. „Wilders had ook vijftien tot twintig zetels kunnen halen. Als hij aan de vorming van een brede, rechtse partij had meegewerkt. Dan had die partij het CDA en de VVD aan een rechtse meerderheid kunnen helpen.”

Nu is er kans op een progressieve coalitie, zegt Spruyt. „Stel je voor dat dat een eerste islamitische minister in de West-Europese geschiedenis zou opleveren, PvdA’er Ahmed Aboutaleb. Dan is dat dus mede te danken aan Geerts beslissing om voor zichzelf verder te gaan.”