Verdachte Schipholramp toch weer vast

De 24-jarige Libiër die wordt verdacht van brandstichting in het cellencomplex op Schiphol-Oost blijft voorlopig toch nog vastzitten. Dat heeft de Raad van State gisteravond bepaald.

Eerder op de dag bepaalde de rechtbank in Utrecht dat de man, die in vreemdelingenbewaring zit in het uitzetcentrum Rotterdam Airport, met onmiddellijke ingang moet worden vrijgelaten. De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) tekende daartegen echter hoger beroep aan bij de Raad van State. Die wees enkele uren daarna een zogeheten voorlopige voorziening toe. Daardoor kan de IND de verdachte, Achmed Al-J., in bewaring houden totdat de Raad van State een definitieve uitspraak doet in hoger beroep.

Sinds drie weken beweegt de Libiër zich door verschillende juridische uitspraken tussen vrijlaten en vasthouden. Dit is een gevolg van tegenstrijdige belangen tussen het Openbaar Ministerie en de IND. Volgens het Openbaar Ministerie heeft Al-J. opzettelijk brand gesticht in zijn cel, en moet hij daarom worden vervolgd. Bij de brand in oktober 2005 kwamen elf mensen om het leven. De verdachte en zijn advocaat stellen dat van opzet geen sprake is. De IND wil de Libiër uitzetten. Omdat er echter geen zicht is op snelle uitzetting, oordeelde de rechtbank in Utrecht dat hij moet worden vrijgelaten.

Advocaat Eduard Damman, die Al-J. in zijn strafzaak bijstaat, vindt de gang van zaken „onmenselijk”. Volgens Damman was zijn cliënt gisteren zijn spullen al aan het inpakken, toen hij te horen kreeg dat hij toch in het uitzetcentrum moet blijven. Damman: „Het is het een of het ander: of je zet hem uit, of je laat hem vrij. Nu blijft het heen en weer gaan.”

Het gerechtshof in Amsterdam schorste twee weken geleden de voorlopige hechtenis van de Libiër. De man zat toen bijna een jaar in voorarrest op verdenking van brandstichting. Al-J. kwam echter niet op vrije voeten, maar werd meteen in vreemdelingendetentie genomen, omdat hij illegaal in Nederland verblijft. Hij is in afwachting van zijn uitzetting.

De Utrechtse vreemdelingenkamer schaarde zich gisteren achter het besluit van het Amsterdamse hof. Van snelle uitzetting kan geen sprake zijn omdat Al-J. zich beschikbaar dient te houden voor zijn strafzaak. Ook moet hij zich geregeld bij de politie melden. Het kan nog maanden duren voordat de strafzaak inhoudelijk wordt behandeld. In december vindt een pro-formazitting plaats.