Geen geslaagde film, maar ga hem toch maar zien

All the Invisible Children. Film voor Unicef. In: 11 bioscopen. ** scene uit de film All the Invisible Children (2005) FOTO: Cinemien Jesus Children of America drugs Cinemien

All the Invisible Children. Film voor Unicef. In: 11 bioscopen.

Het is voor Unicef, dus je mag er niet te veel over zaniken. Bij de première van de episodenfilm All the Invisible Children, op het filmfestival van Venetië, zei een van de regisseurs, Emir Kusturica al: „Ik doe mee aan een project dat groter is dan films meestal zijn.” Het doel is belangrijker dan de weg erheen. En zo kan het zijn dat van de zeven episoden die deze film telt, er maar één echt geslaagd is en je toch tegen ieder hoort te zeggen dat ze hem moeten gaan zien. We zien arme kinderen, verwaarloosde kinderen, kinderen van verslaafde ouders, kindsoldaten, diefjes, kruimeldiefjes, hartendiefjes. Met één filmbezoek én Kusturica én Spike Lee én Ridley Scott én John Woo kunnen zien. Maar de beste film is van Kátia Lund, co-regisseur van Fernando Meirelles bij Cidade de Deus. Zij maakte een vertelling rond twee scharrelkinderen die door de stad flitsen op zoek naar buitenkansjes. Blikjes, wat spijkers, een oude handkar. Neorealisme met de adem van een videoclip. En toch weet zij werkelijk gevoel over te dragen in de paar minuten die ze kreeg.