CDA wint de slag om het midden

Kiezers hebben gezorgd voor grote verschuivingen per politieke partij, maar uitgedrukt in links of rechts is er helemaal niet zo veel veranderd. De SP trok veel vrouwen en kiezers uit hogere inkomensgroepen.

Zeventien zetels winst voor de SP, negen voor Wilders, tien zetels verlies voor de PvdA: op het eerste gezicht lijkt het de zoveelste electorale aardverschuiving in de landelijke politiek. Die schijn bedriegt. In termen van links-rechtsverdeling is er helemaal niet zo veel veranderd. Links (PvdA, SP en GroenLinks) won samen zes zetels, maar het tegen links aanleunende D66 verloor er drie. Nederland deed een klein stapje naar links, maar rechts bleef groter dan links – wat een zeer constante factor is in de Nederlandse politiek. Nog nooit haalde links een meerderheid. De 75 zetels onder Paars II is het record, en dat was inclusief D66. Met D66 erbij komt links nu op 68.

De grote verschuivingen deden zich dan ook voor binnen de twee blokken. „Je ziet een aantal draaideuren in de politiek”, zegt Cees van der Eijk, specialist op het gebied van kiezersgedrag, tegenwoordig als hoogleraar verbonden aan de universiteit van Nottingham. „Er is een draaideur tussen VVD en CDA, een tussen de VVD en Wilders, en een tussen PvdA en SP. De aanhang van de LPF gaat vooral naar rechts, en blijft voor een deel thuis. Wel gaat tien procent naar de SP.” Die 10 procent is – afgerond – één zetel. De muur tussen rechts en links is hoog.

Die muur komt ook tot uiting in de coalitievoorkeur die kiezers opgaven in de exitpoll die door Maurice de Hond in opdracht van ANP en NOS is gehouden. Een CDA-VVD-coalitie wordt door 42 procent gesteund, een linkse coalitie door 37 procent. Een kabinet van CDA en PvdA heeft de voorkeur van slechts 11 procent van de kiezers. Meer dan driekwart van de PvdA-stemmers heeft een voorkeur voor een kabinet van PvdA, SP en GroenLinks.

De links-rechtsverdeling blijkt ook uit de thema’s die voor de aanhang van de verschillende partijen een rol speelden bij het bepalen van hun keuze. Zorg, onderwijs en milieu zijn linkse thema’s, veiligheid en de economie rechtse.

Uit die exitpoll blijkt ook dat 20 procent van de kiezers pas na de lijsttrekkersdebatten van dinsdagavond een definitieve keuze heeft gemaakt. „Maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat ze alle opties nog openhielden”, relativeert Van der Eijk. „Hun twijfel speelde vooral binnen de draaideuren.” De SP en de Partij voor de Vrijheid hebben onder de late twijfelaars nog veel stemmen verworven.

Bij een relatief stabiele krachtsverhouding tussen links en rechts wint degene met de grootste aantrekkingskracht in het politieke midden de verkiezingen. Dat was zonder enige twijfel het CDA. Van der Eijk: „Dat is opvallend, want je kunt niet zeggen dat Bos in de campagne sterk naar links is getrokken.” Van de kiezers die zichzelf tot het midden rekenen, stemde 45 procent CDA. De PvdA volgde met 15 procent op grote afstand. Opmerkelijk is dat ook de SP 10 procent van de kiezers die zich in het politieke midden plaatsen aan zich weet te binden. „De SP is niet extreem links meer”, constateert Van der Eijk. „De partij is aantrekkelijker geworden voor een bredere groep kiezers. Ook onder 55-plussers is de partij vrijwel even groot als de VVD. Daar zou je nog de meeste associatie verwachten met het maoistische verleden.”

Tot eind jaren negentig trok de SP vooral een mannelijk electoraat. Nu was meer dan tweederde van de SP-stemmers vrouw. En misschien nog wel opmerkelijker is dat SP in de inkomenscategorie van één tot twee keer modaal vrijwel even groot is als de VVD. Bij de kiezers met een inkomen beneden modaal is de SP de grootste partij geworden.

In de jongste categorie kiezers, tot 25 jaar, is de SP even groot als de PvdA. Wat vooral de PvdA zorgen zal baren, is dat beide partijen samen maar net iets groter zijn dan het CDA. Alleen bij 45-plussers halen de sociaaldemocraten nog rond de 30 procent. De PvdA wordt een babyboomerspartij. Dat is opmerkelijk, omdat bij de scholierenverkiezingen eerder deze week de PvdA de grootste was, nipt voor de SP, maar een straatlengte voor het CDA.

Sinds de Fortuynrevolte van 2002 zijn er twee gaten in de kiezersmarkt. Van der Eijk: „Er is een centrumlinks electoraat dat zich weinig bediend voelt door het bestaande aanbod. Daar is een potentie voor wisselingen.” De PvdA – de oude hoofdbewoner van dit domein – jojoot sindsdien op en neer. „Centrumrechts zijn de verhoudingen helder, maar op rechts niet. Die instabiliteit zal nog wel even voortduren. Veel van de bewegingen zijn niet verrassend als je eenmaal afstapt van het idee dat mensen levenslang verbonden zijn aan één partij.”

Die electorale wispelturigheid vloeit ook voort uit een gebrek aan beginselvastheid van partijen. „De retoriek van ‘je moet naar de kiezers luisteren’ leidt ertoe dat standpunten van partijen niet meer zijn gekoppeld aan uitgangspunten”, zegt Van der Eijk. „Dat zie je ook in Engeland, met New Labour. Die had een programma, maar in toenemende mate verdwijnt dat. Er is geen overkoepelend thema meer.”

De grote bewegingen op rechts zijn betrekkelijk nieuw. „Er is rechts van de VVD electorale ruimte ontstaan. Dat is de erfenis van Fortuyn”, aldus Van der Eijk. „Dat komt niet doordat de VVD zo veel naar het midden is opgeschoven.” Hij ziet eerder een relatie met de hoge opkomst: die bedroeg ruim 80 procent, iets hoger dan in 2003. „Een stuk hoger dan in de jaren tachtig en negentig. De verbreding van het politieke aanbod draagt er kennelijk toe bij dat meer mensen naar de stembus gaan. De opinies in de samenleving worden nu beter gereflecteerd in het parlement.” Een open vraag is natuurlijk in welke mate Wilders erin slaagt een stabiele factor op rechts te worden.

Van der Eijk signaleert ook een niet-electorale component van de erfenis van Fortuyn: het zwaartepunt in de politieke agenda is verschoven richting ‘gedwongen integreren of verdwijnen’. „Tien jaar geleden zou je hebben gezegd: voor hoeveel vrouwen met een boerka maak je een wet?” Die invloed op de agenda is zeker zo groot als die van de negen zetels van Wilders.

Uitslagen van alle gemeenten afzonderlijk zijn ook na te lezen op www.nrc.nl/tk06.