Pechtold was weer in volle kamikazemodus

Het was een Smurfendebat, het debat tussen de leiders van de kleine partijen. Die term kwam van Alexander Pechtold – en hij deed zelf mee aan het Smurfendebat. De presentator opperde nog dat „de achterban” van Pechtold met die term was aangekomen. „Nee hoor!” zei Pechtold opgewekt. „Ik heb het zelf bedacht!”

Pechtold – of moet ik Pechsmurf zeggen? – was weer in volle kamikazemodus tijdens dit debat. Niets te verliezen en ook niet bang, is het motto van D66 onder Pechtold. Helemaal zo’n gek motto nog niet.

Het Smurfendebat ging over integratie en normen en waarden (ik voeg een lange gaappauze in), en Pechtold had zo zijn eigen benadering van deze thema’s. Zo oreerde hij langdurig over het kleine tulpje dat Marco Pastors op zijn revers droeg. Dat tulpje, zei Pechtold, was ooit door de Turken uitgevonden en meegenomen naar Nederland, dus kijk, zo gek was de multiculturele samenleving nog niet. Dit noem ik topretoriek: de broche van je tegenstander inzetten om je punt te maken in een debat.

Olaf Stuger (Pimsmurf) hanteerde jammer genoeg de meer gangbare debattechnieken. Een heel scala aan handgebaartjes kwam voorbij, en hij zat vol gouwe ouwe debating club-zinnetjes als: „Ik hoor hier veel volzinnen, maar de vraag is of ze zinvol zijn.” (Waarop Pechtold kakelend lachte en zei: „Hé! Die vind ik wel leuk!”)

Nee, dan Bas van der Vlies (Christensmurf). Die kon überhaupt geen debatclichés uitkramen, want meedoen aan een tv-debat was iets nieuws voor Van der Vlies, werd door de presentator gezegd. En het concept tv eigenlijk ook, en misschien ook wel het concept ‘de moderne tijd’. Toen Van der Vlies, ogenschijnlijk voor de eerste keer in zijn leven, vernam dat mede-debater Marianne Thieme een partij voor de dieren runde, vertelde hij haar triomfantelijk dat hij huisspinnetjes altijd keurig in leven liet en buiten de deur zette. Thieme knikte vriendelijk. Een gezellige coalitie van christenen en dieren leek ineens heel dichtbij.

Maar meer tijd om over prettige oplossingen voor insecten in en om het huis te praten was er niet. ‘Zo meteen de act met de olifanten,’ kondigde de presentator grappend het volgende debat aan, tussen de leiders van de grote partijen. Ineens werd ik melancholisch. Wat zou ik ze gaan missen – de smurfen, de olifanten, en al hun dolle acts.

Aaf Brandt Corstius