Het IDFA biedt zoveel films dat het je duizelt

Donderdag begint het International Documentary Film Festival in Amsterdam.

Hoe vind je als bezoeker je weg door een jungle van meer dan 250 titels?

Drie volle avonden. Zo lang was ik bezig met het doornemen van het programma van het International Documentary Film Festival Amsterdam (IDFA). Met een ingenieus code-systeem (must-sees omcirkeld, must must-sees omcirkeld met uitroepteken, aanbevelingen van anderen gemarkeerd met rood) waren de meer dan 250 films teruggebracht tot 47. Met pijn in het hart weer schrappen. Callcenter-medewerkers in Calcutta legden het af tegen de spreekkamer van de Franse huisarts, Iraanse transseksuelen tegen een bejaardentehuis in Florida. Aan het zes uur durende drieluik over vrouw-zijn misschien maar niet beginnen? En het verslag van Spike Lee dan, over orkaan Katrina?

Wie door de bomen het documentaire-bos niet meer ziet, wende zich tot Ally Derks, ‘mevrouw IDFA’ sinds 1988. Onder haar hoede groeide het festival uit tot een evenement van internationale allure. Het eerste jaar trok het 3.000 bezoekers, dit jaar worden er meer dan 25.000 verwacht. In haar kantoortje in de nok van de Balie laat Derks de website zien. „Kijk”, wijst ze op de rijen voor de City-bioscoop. „Vorige week vrijdag hebben we 7.000 kaartjes verkocht.”

Heeft Derks tips? Jawel. Om precies te zijn 250. Zelf ziet ze elk jaar 800 films, een selectie uit 3.000 inzendingen. Daarbij komt nog het aanbod op de festivals die ze elk jaar bezoekt: van Utah tot Berlijn, van Tel Aviv tot Ouagadougou. Haar persoonlijke smaak is van doorslaggevend belang voor de selectie. „Een film moet mij emotioneel raken en intellectueel uitdagen”, zegt Derks. „De documentaire bestrijkt het hele gebied tussen pure kunst en Leni Riefenstahl-propaganda. Ik houd van creatieve documentaires, die de variëteit van het genre laten zien en de beeldtaal van een land.”

Want een Nederlandse documentairemaker gaat heel anders te werk dan, zeg, een Zuid-Afrikaanse. „In landen met een sterke oral history, waar mensen elkaar verhalen vertellen rond het kampvuur, zie je veel direct cinema. Het verhaal ontwikkelt zich dan voor de camera, er is weinig scenario en er wordt weinig achteraf gemonteerd. In Zuid-Afrika was de televisie er vóór de film. Die invloed zie je in hun documentaires: archiefbeelden en veel pratende hoofden.”

Op het IDFA is er dit jaar veel aandacht voor China. De films van het China Transit-programma weerspiegelen de snelle maatschappelijke veranderingen in het land. Derks: „Een paar jaar geleden kwamen woorden als echtscheiding, mensenrechten en democratie niet in Chinese documentaires voor. Nu wel. De autoriteiten controleren documentaires minder streng dan speelfilms. Documentaires komen ook niet op tv. Ze worden alleen bekeken door filmstudenten en andere hoogopgeleiden.”

Maar pin je niet vast op China, aldus Derks. „De next-lezer is jong, hè? Die moet ook naar Last Days of Left Eye, een video-dagboek over de R&B-zangeres van TLC, en naar Ghosts of Cité Soleil, een hiphopfilm over gangs op Haïti, en Enemies of Happiness, over een prachtige Afghaanse vrouw die in het parlement wil komen… The Prisoner Or: How I Planned to Kill Tony Blair, die wint dit jaar de Zilveren Wolf, als het aan mij ligt… en… is het teveel?” vraagt Derks dan. „Is het een chaos? In mijn hoofd zitten ze allemaal.”

Het IDFA van 23/11 t/m 3/12. Meer info op www.idfa.nl of 33146 naar 7585