Verwijdering van gifstof maakt katoenzaad eetbaar

Rotterdam, 21 nov. Amerikaanse biotechnologen hebben via genetische aanpassing eetbaar katoenzaad gemaakt. De hoop is dat hiermee een waardevolle voedselbron beschikbaar is gekomen, die de honger in ontwikkelingslanden kan helpen bestrijden, zo schrijven de Amerikanen deze week in de Proceedings of the National Academy of Sciences. Het genetisch aangepaste zaad bevat heel lage concentraties gossypol, de gifstof die normaal katoenzaad ongeschikt maakt voor menselijke consumptie. Katoenplanten leveren per kilo katoenvezel ongeveer 1,65 kilo zaad op, en het zaad is rijk aan olie (21 procent) en hoge kwaliteit eiwitten (23 procent). In de jaren vijftig is al eens geprobeerd om via klassieke veredeling gossypolvrije katoenplanten te maken, maar dat mislukte omdat deze planten erg gevoelig bleken voor insectenvraat. Gossypol is namelijk een verdedigingsstof tegen insecten en microbiële infecties. De biotechnologen gebruikten de techniek van RNA-interferentie om de aanmaak van gossypol alleen in de zaden te verhinderen. Bladeren, bloemen en wortels bevatten normale gehaltes gossypol.