NS vraagt rijk om meer geld

Het reizigersvervoer bij NS groeit veel meer dan gedacht.

Het rijk moet daarom 6 mld extra investeren, stelt NS.

NS is bezorgd over het achterblijven van rijksinvesteringen in de spoorwegen. „Het reizigersverkeer groeit veel sterker dan de regering eerder aannam”, zegt directeur Bert Meerstadt van NS. „Dat vergt extra middelen.” NS heeft aan politiek Den Haag een nieuwe visie gepresenteerd onder de titel Vrij om te bewegen waarin tot 2020 om een extra investering van 6 miljard euro wordt gevraagd.

De nota Mobiliteit, die de regering vorig jaar publiceerde, ging uit van een reizigersgroei (uitgedrukt in afgelegde kilometers) van 1 procent per jaar. „Vorig jaar groeiden we 4,5 procent, dit jaar komen we op 7 tot 8 procent, de grootste toename ooit voor NS”, zegt Meerstadt. „We denken dat we tot 2020 gemiddeld ten minste 2,5 procent per jaar zullen groeien, waardoor we onze parameters moeten herijken, er is meer infrastructuur en materieel nodig.” De raming van NS komt neer op een stijging van het aantal afgelegde reizigerskilometers van 15 miljard in 2006 naar 21 miljard in 2020.

NS wil de capaciteit op de belangrijkste lijnen fors uitbreiden om de groei op te vangen. De frequentie van intercity’s zou moeten worden opgevoerd van vier naar zes per uur en de topsnelheid van de treinen van 140 naar 160 kilometer per uur. NS denkt dat door de hoge frequentie „het perspectief van een dienstregeling zonder spoorboekje” binnen bereik is.

Volgens Meerstadt dient NS met zijn plannen niet alleen het eigen belang en dat van de treinreizigers. „Met de aanleg van meer spoorwegen zorgen we ervoor dat de grote steden en economische centra bereikbaar blijven. We voorkomen ermee dat de snelwegen in de Randstad twee keer zo breed moeten worden en extra parkeerplaatsen een groot beslag leggen op stedelijke ruimte.”

NS stap af van de Zuiderzeelijn, van Amsterdam via de polders naar Groningen. Meerstadt: „De vervoersvraag rechtvaardigt geen miljardeninvestering in die lijn. We moeten de schaarse euro’s in Nederland zo goed mogelijk benutten en daarbij kijken naar wat er als eerste moet gebeuren. En dat is niet de Zuiderzeelijn.”

NS pleit wel voor diepte-investeringen in de spoorlijn tussen Almere en Amsterdam. „Almere is een knelpunt op het spoor dat dringend moet worden opgelost.” NS heeft hiervoor het plan Noordlink klaarliggen: het verbeteren van het spoor vanaf Amsterdam, via Almere naar Lelystad en naar het noorden. De planning en investeringen voor dit traject liggen voor een deel al vast. Zo komt er een nieuwe verbinding van Lelystad naar Zwolle, die een aanzienlijke tijdwinst zal opleveren voor de treinreis van en naar het noorden. In Midden-Friesland (tussen Sneek, Heerenveen en Drachten) wil NS „snelle hoogwaardige” bussen inzetten.

Verder zet NS de Hogesnelheidslijn-Oost weer op de agenda. „De mooiste treinen die we nu hebben zijn de ICE’s naar Duitsland. Maar ze moeten grotendeels over oud, traag spoor rijden, terwijl de vervoersvraag naar steden als Keulen en Frankfurt de komende jaren alleen maar toeneemt”, aldus Meerstadt.