Kandidaat-kopers steken Corus in de schulden

Staalbedrijf Corus wordt overgenomen. Maar door wie? Tata Steel, de eerste keus van de Corus-top, of CSN uit Brazilië? Eén ding is zeker: geleend geld spant de kroon en Corus betaalt.

Dit zijn weer tijden waarin kleinere bedrijven grotere concerns opkopen. Eerst deed Tata Steel een miljardenbod op Corus, de Brits-Nederlandse staalfabrikant, die 9.000 werknemers in IJmuiden heeft. Nu volgt het Braziliaanse CSN met een hogere prijs, die (nog) geen officieel bod is.

Het Indiase Tata biedt 455 pence per aandeel, CSN 475. Speculanten gokken gretig op een hoger bod van Tata om de Brazilianen in de kou te zetten. De koers was vanochtend 506 pence. Onder beleggingsanalisten heerst de consensus dat een biedingsstrijd gaat ontstaan om het staalbedrijf.

De biedingen van Tata Steel en CSN hebben twee zekerheden. De opkopers zijn kleiner dan Corus zelf. En zij nemen vooral geleend geld mee om het bedrijf te kopen. Wie het 151 pagina’s tellende biedingsbericht van Tata Steel leest, vraagt zich onwillekeurig af: is er nog verschil tussen een bod van een industriële concurrent en een overname van een financiële opkoper als private-equityfinancier KKR. Een concurrent koop een bedrijf om het te houden, een opkoper om het in een paar jaar met een lekkere winst door te verkopen.

Tata Steels bod lijkt als twee druppels water op een overname door een financiële opkoper. Corus wordt opgezadeld met hoge schulden, die het doelwit zelf moet afbetalen. Met schulden die met zekerheid hoge rentelasten gaan geven, en dat voor een bedrijf dat werkt in een van oudsher grillige bedrijfstak.

Staal is een product dat in economisch onstuimige tijd fraaie winsten oplevert. Maar staalproductie zet in een economische neergang bedrijven, beleggers en werknemers met gemak met de rug tegen de muur: hoge verliezen, dure reddingsacties, of een bankroet.

CSN heeft over de financiering van zijn aanbod aan Corus nog geen details gepubliceerd. Maar het persbericht maakt wel duidelijk dat een ‘aanzienlijk’ deel van de overname betaald wordt met geleend geld, dat niet op de balans van CSN komt te staan. Waar dan wel? Op de balans van Corus.

Wat maakt de overname van Corus sprekend een private-equitytransactie? Het percentage eigen kapitaal van Tata Steel in de overname is bijna exact het gemiddelde percentage in een grote financiële transactie van een opkoper. De Britse financiële toezichthouder FSA rapporteerde twee weken geleden dat dit 21 procent van de overnamesom is. In het Tata-bod op Corus is dat 22 procent.

Verder richt Tata Steel een aparte Engelse vennootschap op, die het bod uitbrengt. Deze vennootschap, Tata Steel UK, werkt niet met financiële of andere garanties van het Tata-conglomeraat. Sterker: Tata heeft niet meer dan een minderheidsbelang in Tata Steel, dat een eigen beursnotering heeft.

Tata Steel wil voorkomen dat een onverhoopt slechtere gang van zaken of verliezen bij Corus terugslaan op Tata Steels andere activiteiten en financieringskracht. Dat zou andere activiteiten kunnen schaden en dat wil Tata Steel juist niet. Het is Tata voor allen, Corus voor zich.

Nog sprekender is de golf van geleend geld. Ook het eigen geld dat Tata Steel op tafel legt, blijkt deels geleend bij banken, al zegt Tata niet hoeveel dat is. In het meest extreme geval bestaat meer dan 90 procent van het totale financieringspakket van Tata Steel van 7,4 miljard euro direct of indirect uit geleend geld. Een krediet van zo’n 2,4 miljard euro van banken, de uitgifte van effecten ter waarde van 2 miljard euro met een hoge rente om beleggers te compenseren voor een hoog risico en geld dat andere bedrijven uit het Tata-conglomeraat bij banken lenen en doorsluizen naar Tata Steel.

Over de gevolgen van de hoge schulden en de verwachte rentekosten rept het biedingsbericht van Tata Steel met geen woord. Nederlandse vakbondsbestuurders maken zich weinig zorgen. Iedereen rekent op maatregelen tegen de verliezen in Engeland. De bonden hebben vragen gesteld over de financiële kant, maar wachten nog op antwoorden. Zolang het investeringsprogramma van ‘IJmuiden’, het meeste productieve staalbedrijf in Europa, maar niet wordt gekort.

Of zoals bestuurder Jos Duijnhoven van FNV Bondgenoten het zegt: „Het maakt weinig uit of het geld van hier naar Londen of naar India wordt overgemaakt.”

Breaking views: pagina 17