Bor geeft Tanejeff bezieling

Concert: Reizend Muziekgezelschap. Werken van Rossini, Schubert en Tanejeff. Gehoord: 18/11, Amsterdam. Novemberserie t/m 24/11.

Het Reizend Muziekgezelschap, een internationaal vriendenensemble rond violist Christiaan Bor, bestaat 25 jaar. Aanleiding om de jaarlijkse Novemberserie in De Rode Hoed wat extra cachet te geven. Maar ook aanleiding om over de toekomst na te denken; een dwingende kwestie voor een ensemble dat het zozeer moet hebben van één charismatische spilfiguur die, zoals een bestuurslid in haar welkomstwoord subtiel zei, “ook op leeftijd komt”.

Het Reizend Muziekgezelschap wil zich daarom gaan profileren als „platform voor jonge musici”. Het is te hopen dat het ensemble daarin slaagt zonder zijn eigen gezicht te verliezen – om steeds met ‘jonge musici’ te blijven werken, is immers automatisch een grote doorstroom nodig. Op het concert van zaterdag was ook nog maar weinig ‘jong talent’ te horen: alleen de schuchtere Poolse contrabassiste Justina Grudzynska mocht zich daartoe rekenen. Verder was het de oude(re) garde, waarin zich toch al enkele stroeve elementen beginnen af te tekenen.

Dat gold niet voor Bor zelf, die zich op het feestconcert pas na de pauze liet horen. Hij gaf de uitvoering van Tanejeffs meesterlijke Pianokwintet in g, op. 30 precies wat vóór de pauze in Schuberts Forellenkwintet, op. 114 – zónder Bor – had ontbroken: bezieling, liefde en grootse muzikaliteit. Die Forelle klonk weliswaar coherent, maar te veel details waren onverzorgd, en het geheel miste de jeugdige frisheid die dit werk zou moeten ademen. Alleen pianist Jean-Claude vanden Eynden zat achter de piano onverstoord te sprankelen.

Tanejeffs kwintet klonk vanaf de inleidende akkoorden al spannend en doorleefd. Op het donkere, geladen ‘Adagio’ volgde een onafgebroken boeiend muzikaal betoog. Het ensemble overtuigde nu volledig in de soms ongewoon sterke contrasten in beweeglijkheid en uitdrukking; van Russische dreiging tot Schubertiaanse lyriek. De meerstemmigheid – Tanejeff was in zijn tijd Ruslands belangrijkste contrapuntleraar – klonk doorzichtig maar ook solide. Vanden Eynden toonde zich wederom de muzikale ruggengraat van het gezelschap, en Bor, nog onmisbaarder, de ziel.