Aarzelen tot in het stemhokje

De Rotterdammers in de Oudelandstraat willen op iemand stemmen van wie ze beter worden.

Maar menen politici wel wat ze nu in de campagne zeggen?

Annie (74) en Henk Maas (78) wonen 45 jaar in de Oudelandstraat. Hij was vroeger schilder, zij spoot koekjes op bij de banketbakker. Henk Maas versiert elke winter zijn tuin met kerstmannen, rendieren en veel lichtjes. De hele buurt komt kijken. Wat hem opvalt: er is nog nooit wat gestolen. Foto’s Bas Czerwinski Meer foto’s op www.nrc.nl/binnenland Annie (74) en Henk Maas (78) wonen 45 jaar in de Oudelandstraat. Hij was vroeger schilder, zij spoot koekjes op bij de banketbakker. Henk Maas versiert elke winter zijn tuin met kerstmannen, rendieren en veel lichtjes. De hele buurt komt kijken. Wat hem opvalt: er is nog nooit wat gestolen. Foto's Bas Czerwinski 20-11-2006, ROTTERDAM. OUDELANDSTRAAT. HENK EN ANNIE MAAS FOTO BAS CZERWINSKI Czerwinski, Bas

Vóór 2002 was de Oudelandstraat in Rotterdam-Zuid een PvdA-straat: arbeiders die stemden op een arbeiderspartij. In 2002 stemde de hele Oudelandstraat twee keer op Pim Fortuyn. Eerst, bij de gemeenteraadsverkiezingen, op Leefbaar Rotterdam. Bij de Kamerverkiezingen, twee maanden later, op de LPF.

Ze wisten precies waarom, vertelden ze toen NRC Handelsblad de dag na de gemeenteraadsverkiezingen huis aan huis aanbelde om te vragen naar hun motieven. De ‘zakkenvullers’ in Den Haag moesten wakker worden geschud. En dat was aan niemand beter toevertrouwd dan aan ‘Pim’.

Toen was er nog zekerheid.

In 2003, na het echec van het eerste kabinet-Balkenende met de LPF, stemde bijna iedereen weer gewoon op de PvdA. Aan NRC Handelsblad legden ze toen uit waarom. „De dreun is, als ik Woutertje Bos mag geloven, goed begrepen.”

De dreun waarmee ze de politici in 2002 wakker schudden, weten de bewoners van de Oudelandstraat zich nog goed te herinneren. Maar wat ze daarna stemden, in januari 2003, dat weten ze zelf nu niet meer. „Daar vraag je me wat.” „Raar hè, dat ik me dat niet herinner.” En nu, vlak voor de verkiezingen, weten ze óók niet wat ze woensdag gaan stemmen.

Het grote twijfelen is, achteraf gezien, tóén begonnen.

Neem Lien Cooyman (60), Oudelandstraat 36, eigenaresse van een winkeltje in boeddhabeelden, een paar straten verderop. Ze woont al bijna veertig jaar in de Oudelandstraat. Vóór Pim Fortuyn stemde ze PvdA. En nu?

„Ik weet het nog niet. Die met dat blonde haar, hoe heet-ie, Wilders, die heeft wel wat. En Marijnissen heeft ook wel dingen. Die lijkt me eerlijk. Wouter Bos draait z’n woorden om, hè. Dan heeft-ie het niet gezegd of het was een geintje. Ik vertrouw hem niet. Balkenende vind ik sympathiek. Heel eerlijk, voor mijn gevoel. Dus die zou ook nog kunnen. Die is toch van het CDA?”

Achteraf, zeggen ze, stemden ze vroeger niet uit overtuiging op de PvdA. Sarina van der Linden (46), Oudelandstraat 47: „Je stemde PvdA omdat je om je heen hoorde: daar stemt iederéén op. Je was gewoon een meelopertje, eigenlijk.”

Diana Moesredjo (51), acht weken geleden verhuisd naar nummer 26: „In de Boekweitstraat, waar ik hiervóór twintig jaar woonde, spraken we af: we stemmen allemaal op de PvdA. Maar nu sta ik er alleen voor.”

Ze zijn op zoek naar iemand van wie ze beter kunnen worden. Die hen niet nóg armer maakt. En die hun angsten bezweert. Maar wie is dat? En is die te vertrouwen?

Cora Okkerse-Maas (72) woont met haar dochter Martina Okkerse (50) en kleinzoon Kai (17) op nummer 21. Cora Okkerse: „We zitten in dubio. We hadden we vanochtend nog een heel gesprek over. We willen op iemand stemmen bij wie we erop vooruit gaan.”

Martina Okkerse, part time taxichauffeur: „Ik hoorde op de radio vanochtend een vrouwtje waarvan ik dacht: dat klinkt gunstig. Ze had het over de kinderbijslag, dat die alleen naar de arme mensen moest en niet naar de rijke.”

Cora Okkerse: „Wat Balkenende zegt klinkt ook gunstig. De vraag is alleen: wat blijft er na de verkiezingen van over?’’

Martina Okkerse: „Dat vrouwtje had het ook over het openbaar vervoer, dat het voor oude mensen gratis moest worden.”

Cora Okkerse: „Maar gebeurt dat dan ook?”

Martina Okkerse: „Ze klonk wel alsof ze het meende.”

Cora Okkerse: „En waar was zij dan van?”

Martina Okkerse: „Ja, daar vraag je me wat.”

Was het soms Femke Halsema?

Martine Okkerse: „Ja, die was het!”

Cora Okkerse: „Wat ik zeker weet is dat ik niet op Balkenende ga stemmen. Die heeft ons te veel dingen geflikt. Alles is omhoog gegaan. De huur, het ziekenfonds, alles.”

Martina Okkerse: „En de euro. Die heeft híj ingevoerd.”

Cora Okkerse: „Een onsje leverworst kostte vroeger 49 cent. Nu 1 euro 29.”

Martina Okkerse: „Dus ik twijfel tussen Woutertje Bos en dat vrouwtje.”

Cora Okkerse: „Ik doe misschien de VVD of dat vrouwtje.”

Martina’s zoon Kai komt thuis om te eten. Hij zit in de steigerbouw. Waarop zou hij stemmen, als hij al mocht stemmen?

„Op de PvdA.”

Cora Okkerse: „Op Balkenende?” Ze trekt een vies gezicht.

Kai: „De PvdA is van Wouter Bos.”

Cora Okkerse: „O ja, Woutertje. Nou, dat vind ik een toffe peer.”

Toch ligt Balkenende vaak minder slecht dan Wouter Bos.

Sarina van der Linden, van nummer 47: „Ik denk niet dat ik ga stemmen op Balkenende. Maar ik weet eigenlijk niet waarom. Hij heeft het goed gedaan, zeggen ze.” Als Wouter Bos op tv komt, zapt ze door. „Ik geloof er helemaal geen reet van, wat hij zegt. Allemaal loze beloften. Ze beloven wat en het gebeurt niet, dát. Het wordt beter, zeggen ze. En het wordt niet beter. De armen worden armer en de rijken worden rijker.”

Loze beloften, één pot nat. En het maakt niet uit of een politicus de afgelopen jaren heeft geregeerd of niet. Alleen de indruk telt: eerlijk of niet eerlijk. En dat kan per dag veranderen.

Riet Ockeloen (68), nummer 29, twijfelt tussen ChristenUnie en de SP. In 2002 stemde ze op de SGP, maar dat was een vergissing. Van huis uit is ze communistisch. Haar vader was bouwvakker, haar man buschauffeur. Tijdens de zwangerschap van haar tweede kind is ze gelovig geworden. „Ik had het moeilijk. Ik knielde voor mijn bed en schreeuwde God om hulp. En toen was ineens de hele kamer verlicht.”

Sindsdien stemt ze altijd op een christelijke partij. Al ziet ze ook wel iets in Marco Pastors. „Hoe heet die partij ook al weer?” Ze heeft niets tegen buitenlanders, ze kent een Irakees gezin dat heel aardig is. En als zíj in een arm land leefde, zou ze ook naar Nederland gaan. „Maar het beleid is te gemakkelijk geweest.”

Ze was vroeger bode bij de rechtbank, daar zag ze Marokkaanse vaders die zich moesten komen verantwoorden omdat ze hun kinderen in de zomer te lang van school hielden. „Die waren dan al jaren hier en ze spraken nog geen Nederlands.”

In de tram ziet ze jongens die brutaal zijn, met hun voeten op de bank zitten. „Ik ben iemand, die zegt daar dan wat van. Doe je dat bij je moeder thuis ook? Wat ze dan tegen je zeggen!” Daar zijn ook Hollandse jongens bij, zegt ze eerst. Maar dan: „Nou nee, het zijn géén Hollandse jongens. Ik moet eerlijk zijn.”

De buitenlanders. De AOW. De huursubsidie. De jeugd. Dát zijn hun zorgen. Maar ze zien niemand die ze kan oplossen. Dus weten ze nog steeds niet wie hun stem krijgt.

Henk Maas (78) en Annie Maas-Van de Vrande (74) van nummer 53 – de voortuin staat vol kerstmannen en rendieren – denken dat ze op de Lijst Vijf Fortuyn (LVF) gaan stemmen vanwege „de buitenlanders”. Annie Maas: „Kijk naar de Groene Hilledijk, hierachter. Vroeger had je daar De Kroon voor je bh’s en Chabot voor je werkkleding. Je had er een Hollandse groenteman voor je groente en en een Hollandse slager voor je vlees. Allemaal weg.”

Henk Maas: „De goede oude tijd is voorbij.”

Annie Maas: „’s Avonds een eindje wandelen is er ook niet meer bij. We hebben nog nooit wat meegemaakt. Maar als je de televisie aanzet, word je bang.”

Wat verwachten ze van de LVF?

Annie Maas haalt haar schouders op. „Ach, mijn moeder zei altijd al: of je nou door de kat gebeten wordt of door de hond.”

Henk Maas: „Je moet toch wat en de PvdA is ook niet meer wat het geweest is.”

Annie Maas: „De PvdA tornt aan de rechten van de ouden van dagen.”

Henk Maas: „En die Geert Wilders is voor veiligheid en voor bejaardentehuizen.” Hij kijkt naar zijn vrouw. „Geert Wilders is toch van de LVF?”

Annie Maas: „Dat weet ik niet hoor.”

Maar stemmen gaan ze wel, morgen. Want stemmen moet.

Lien Cooyman van nummer 36: „Als je niet stemt, komt je stem op de grote hoop. En ze doen wel allemaal op hun manier hun best.”