Voor elk gehoor een andere Balkenende

Jan Peter Balkenende past zich moeiteloos aan aan het publiek. In Limburg deint hij op de fanfare, in Brabant belooft hij meer wegen en minder regels. De liefde voor de regio is wederzijds.

tilburg, 20 nov. - Op televisie oogt hij de laatste dagen vooral vriendelijk en minzaam. Gisteravond, tijdens het verkiezingsdebat van BNN’s Lijst 0, zag het tv-publiek een lachende Jan Peter Balkenende. Mild dreef hij de spot met zijn collega-lijsttrekkers.

Hoe anders kan het er aan toegaan op de regionale verkiezingsbijeenkomsten van het CDA. Daar krijgen Balkenendes politieke tegenstanders de hardste kritiek. Daar laat de lijsttrekker zich vooral kennen als een conservatief ingestelde gezinsman met hart voor tradities. De afgelopen drie weken reisde Balkenende de provincies af, gevolgd door zijn campagneteam, gospelzanger Ralph van Maanen en een vaste groep CDA-jongeren.

Balkenende is in staat zijn presentatie aan te passen aan zijn publiek. Het gehoor beschouwt hem daarom al snel als ‘een van ons’. Vorige week deinde hij nog mee met de fanfare in Limburg – „zo’n échte CDA-provincie!” – en hield hij als een volleerd buutreedner een droge conférence met woordgrapjes. Ook nam hij het op voor de schutterij, die volgens de premier „helemaal niet ouderwets is”. „Daar zie je nog de onderlinge betrokkenheid.” Voor de Limburgse kiezer hield Balkenende een praatje over het gezin. „Alles begint met liefde, aandacht, respect, zorg en trouw”, somde hij op.

Dit weekend, op een verkiezingsbijeenkomst op een scholengemeenschap in Tilburg, ging het vooral om lagere belastingen, meer wegen, minder regels. Het zijn onderwerpen waar de Brabantse kiezer graag over praat, zo weet hij. In de zaal zitten veel ondernemers of mensen die zich zorgen maken over de regionale economie. „Ik wil Brabant perspectief bieden”, zegt Balkenende zaterdag in een zaal op een school in Tilburg. „Daarom ben ik zo teleurgesteld dat de PvdA haar steun voor de JSF heeft ingetrokken. Dat kan zoveel betekenen voor de Brabantse economie.”

Het CDA is deze campagne, in de woorden van Balkenende, „de enige echte regionale partij”. In de Randstad zijn ze niet of nauwelijks te zien, maar het noorden, oosten en zuiden van Nederland worden ruim bedeeld. Daar ligt de winst voor het CDA, weet de partij. In de zalen zitten veel mensen die zich zorgen maken over fatsoen in de samenleving, het gezin belangrijk vinden en geen coffeeshop in hun gemeente willen. Tussen dit publiek komt lijsttrekker Jan Peter Balkenende goed tot zijn recht. Hij gaat niet, zoals PvdA-leider Wouter Bos, elke dag de straat op. Hij beperkt zich liever tot korte bezoeken en ’s avonds een vlammende toespraak voor een zaal. Vaak verwijst hij naar zijn Zeeuwse achtergrond. Hij is ook maar toevallig in de Randstad terechtgekomen.

Balkenendes presentatie mag dan iedere dag verschillen, de centrale boodschap in de zalen is iedere keer conservatief. Het CDA wil de stemmen niet winnen door te wijzen op de liberale kanten van het partijprogramma – die er ook zijn – of de politieke middenpositie van de christen-democraten. Balkenende besteedt veel tijd aan jongeren die „kapot gaan aan de alcohol of drugs”. Zoals in Assen: „En dan hoor ik mensen zeggen: coffeeshops in de buurt van scholen zijn niet goed. Maar mensen, waar zijn coffeeshops wél goed?”

Balkenende is in zijn optredens óók een bezorgde burger, net als zijn gehoor. Hij maakte zich, toen PvdA, VVD en D66 nog regeerden, zorgen om het verdwijnen van de samenhang in de samenleving. „Toen we begonnen, zakte de economie in. Er was de dreiging van terrorisme, er waren wachtlijsten, mensen voelden zich niet meer veilig op straat. Er waren zorgen.” Het CDA, dat in 2002 begon te regeren, „vroeg veel van de burger”. „Maar u ziet nu waar we het voor gedaan hebben. Het gaat beter met Nederland.” Het CDA heeft een voorman die de regio begrijpt en die, tegen wil en dank, minister-president lijkt te zijn geworden. Vorige week in Limburg duidelijk: „Ik vind het prachtig, die T-shirts met mijn beeltenis. Maar ik wil nog wel duidelijk maken dat het niet om mij als persoon gaat.”

In de speeches van Balkenende moet links het ontgelden. Maar ook de VVD wordt elke keer herinnerd aan de jaren van Paars, toen het meewerkte aan „de alles-moet-kunnen-samenleving”. De kritiek komt vaak met een knipoog, maar is er niet minder hard om. „Sinds Mark Rutte een stropdas is gaan dragen, zie ik wel steeds een paarse das.”

De laatste week noemt Balkenende ook GroenLinks vaker. „Een linkse lente? Ik denk eerder aan een linkse herfst!” Maar de belangrijkste kritiek bewaart hij avond aan avond voor de PvdA. Die partij flirt met links, zei Balkenende dit weekend. „Een linkse coalitie zal alle successen van de afgelopen jaren wegspoelen.”