Vinex in China

Een buitenwijk van Shanghai waar een uit beton gegoten molen staat, tussen grachtenpanden met plafonds van vijf meter. Welkom in ‘Holland Village’, de Chinese (en betere) versie van Nederland.

‘Holland Village’ staat met grote letters op het spandoek dat aan de pijpleiding van een chemische fabriek hangt. Plus een telefoonnummer. Het is een wat onwerkelijke aanblik na een tocht van twintig kilometer door de outskirts van Shanghai, langs uitgestrekte scheepswerven, landerijen waar nog met de hand geoogst wordt en sissende chemische fabrieken.

Als je de hoek omslaat, wordt het nog bizarder: naast een rij glanzende grachtenpanden staat een gestileerde windmolen. Het betonnen afwateringskanaal maakt hier plaats voor een meanderend riviertje, met bankjes en grasveldjes die aflopen tot het water. Twee vrouwen in een bootje zijn met een schepnet druk bezig om zwerfvuil uit het water te vissen, ze dragen fluorescerend oranje veiligheidshesjes. Nederlandser kan het niet.

On-Nederlands zijn de zwermen bouwvakkers en de vele kruiwagens. Arbeidskracht in overvloed, dus wordt een groot deel van het werk nog met de hand gedaan. Hamers, boren en slijptollen zorgen voor een vrolijke kakofonie. Niks prefabdelen met een hijskraan op hun plaats takelen en met PUR aan elkaar kitten.

Op het midden van het terrein staan de barakken waar de arbeiders tijdens de bouw van de wijk wonen, was wappert in de warme herfstzon. Onwillekeurig vraag ik me af of ze wel genoeg betaald krijgen, en of de veiligheidsmaatregelen wel deugen: je voelt je in deze Nederlandse wijk toch een beetje verantwoordelijk. Zoals je je ook vrij voelt om rond te snuffelen en de boel te inspecteren. Mmm, alle woonblokken zijn omgeven door manshoge hekken. Gated communities, dat doen wij in Nederland toch niet? Maar in China ommuren ze alles, het karakter ‘cheng’ betekent zowel stad als muur.

In de hal van het verkoopkantoor staan pontificaal drie flesjes Heineken te pronken. ‘Holland village [is] based on the small but well known City of Cartanbrook’ vermeldt de brochure die de verkoopsters me in handen drukken. De bekende stad Cartanbrook? Een blik op de maquette van de wijk, die is opgebouwd rond een grote cirkel, lost het raadsel op: dit is een kopie van de Amersfoortse wijk Kattenbroek van de hand van Ashok Bhalotra.

In deze suburb van de reuzenstad Shanghai, die meer inwoners telt dan heel Nederland bij elkaar, komt de nieuwe middenklasse te wonen. De appartementen zijn luxe en ruim – bijna tweehonderd vierkante meter – en kosten zo’n 150 duizend euro. De eerste tweehonderd woningen zijn inmiddels verkocht en worden begin volgend jaar betrokken. Op de maquette is te zien dat er ook nog een kerk komt. „Wat voor kerk?” De verkoopstaf begint opgewonden te overleggen en komt uiteindelijk met „de moeder van Jezus” op de proppen.

Was de katholieke kerk een grapje van de Nederlandse ontwerpers? Ashok Bhalotra: „Nee, in het programma van eisen stond een kerk en dus hebben wij die een plaats gegeven in het masterplan.” Het ontwerp van de gele L-vormige kerk is niet van zijn hand: net als alle andere gebouwen is ze getekend door het Guangzhou Designing Institute.

Bhalotra maakte wel schetsen voor het Cultural Plaza dat in het hart van de wijk moet verrijzen. Hij leverde twee varianten in: een classicistische met een soort Paleis op de Dam en een postmoderne met gestileerde tulpen en een getordeerde blokkentoren met Delftsblauwe gevelbekleding waarop nog net te lezen staat ‘Alles moet weg’.

Welk van de twee gebouwd zal worden, daarvan heeft Bhalotra geen idee. „Ons plan is meer een voorbeeld, wij reiken motieven aan en de Chinese ontwerpers borduren daar op voort. Ze schrijven ook geen echte prijsvragen uit, maar International Consultations.”

En zo bouwt China een verbeterde versie van Nederland, met een windmolen die geheel uit beton is gegoten, grachtenpanden met een verdiepingshoogte van vijf meter en wuivende bamboebosjes.