Amsterdam om Schiphol in beroep

De gemeente Amsterdam tekent beroep aan tegen het besluit van minister Gerrit Zalm (Financiën) om het Amsterdamse veto over verkoop van de luchthaven Schiphol te vernietigen.

De Amsterdamse wethouder Lodewijk Asscher zei afgelopen zaterdag „versteld” te staan van het bericht dat „het Rijk vernietiging toepast om de privatisering er nog even snel voor de verkiezingen door te drukken”. Dit is „machtsmisbruik”, zei Asscher, en „wij gaan dus in beroep”.

Afgelopen vrijdag werd bekend dat Zalm per Koninklijk Besluit het Amsterdamse veto vernietigt. Het beroep tegen dit besluit zal lopen bij de Raad van State. Het ministerie verwacht dat de beroepsprocedure een aantal maanden zal duren. Een woordvoerder van minister Zalm wijst beschuldigingen van machtmisbruik kort voor de verkiezingen dan ook van de hand.

„Zalm doet wat hij in september al in de Kamer heeft aangekondigd, dus dit kan voor niemand een verrassing zijn”, aldus de woordvoerder. „Een nieuwe regering van welke signatuur dan ook, kan naar believen omgaan met de uitslag van het beroep.”

De staat en de stad Amsterdam zijn de twee grootaandeelhouders van de luchthaven met respectievelijk 75,8 en 21,8 procent van de aandelen. Voor privatisering van Schiphol is een statutenwijziging nodig, en bij oprichting van de NV Schiphol in 1958 heeft Amsterdam een vetorecht hierop bedongen. De stad beschuldigt de staat nu van „een dubbelhartige positie [...] door een geschil tussen twee aandeelhouders in een vennootschapsrechtelijke verhouding, via de publiekrechtelijke weg te willen beslechten”.

Amsterdam verzet zich omdat „de noodzaak voor een beursgang op dit moment onvoldoende is onderbouwd”. „Het belang van de luchthaven voor de nationale economie verdient op zijn minst een zorgvuldige afweging, in plaats van een te snel en ondoordacht proces.”