SP in colleges, oefening voor regering

Sinds de raadsverkiezingen in maart, bestuurt de SP mee in 21 gemeenten. Dat betekent compromissen sluiten. „De SP moet salonfähig worden.”

De Groningse wethouder van de SP is zich beter gaan kleden. Een andere SP-wethouder draagt ineens een stropdas. En de fractievoorzitter van de SP in Groningen, Rosita van Gijlswijk (32), matigde haar toon tijdens de coalitiebesprekingen. „Na zeven jaar oppositie voeren moest ik wennen aan de manier waarop bestuurders met elkaar praten.”

Sinds maart dit jaar bestuurt de Socialistische Partij mee in 21 gemeenten. Voor die tijd kwam het in een enkele gemeente voor, zoals in thuisbasis Oss en in Nijmegen. Maar bij de gemeenteraadsverkiezingen in maart was de SP een van de grote winnaars. De partij groeide van 170 naar 343 zetels. In 39 gemeenten kwam er een linkse meerderheid.

Maar 39 linkse colleges zijn er niet gekomen. Een van de redenen daarvoor is de houding van de PvdA, vindt de SP. In de vier grote steden lukte het de SP niet om met de PvdA in een links college te komen. In Amsterdam werd de deur door de PvdA wel erg snel dichtgegooid, vond de SP.

Maar de SP opereerde zelf ook behoedzaam. Al op de verkiezingsavond zei Jan Marijnissen dat niet in alle gemeenten waar de SP gewonnen had, de partij ook moest gaan besturen. „Ik raad in de meeste gevallen aan eerst ervaring op te doen in de raad.” Algemeen secretaris Hans van Heijningen zegt: „Als we er in de colleges een puinhoop van maken, heeft dat landelijke gevolgen.”

De colleges zijn voor de SP een belangrijke stap op weg naar regeringsverantwoordelijkheid, zegt historicus Gerrit Voerman, hoofd van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen. En het past ook in de ontwikkeling van de partij, zegt hij, die steeds meer naar het midden opschuift en een - radicaal - alternatief wil zijn voor de PvdA.

Eén SP-college viel tot nu toe, in het noordelijke Menterwolde. De oorzaak daarvan was een conflict tussen de SP-wethouder en haar eigen fractie over de politieke kleur van een nieuwe burgemeester. De wethouder had ingestemd met een PvdA'er. De raadsleden wilden dat niet waardoor een vertrouwensbreuk ontstond. „Een onverteerbaar dieptepunt”, zegt Van Heijningen.”

In een aantal gemeenten wordt de kwaliteit van de SP-bestuurders geprezen, ook door de oppositie. Bij het Centrum voor Lokaal Bestuur van de PvdA zegt secretaris Jan-Jaap van den Berg dat hij hoort dat de meeste SP-wethouders relatief goede bestuurders zijn. „In de vorige periode sneuvelden veel Leefbaar-wethouders op onervarenheid, maar dat lijkt nu niet aan de orde.”

Maar er is wel kritiek. In Leiden is het afgelopen half jaar weerstand tegen bestuurders van de SP ontstaan. Het grootste pijnpunt daar is de bebouwing van de Oostvlietpolder aan de rand van de stad. De SP is medeoprichter van een actieclub die dit ‘oud-Hollandse gebied’ groen wil houden en heeft daarmee veel kiezers naar zich toe weten te trekken. GroenLinks en PvdA willen de polder echter bebouwen. „Wij hebben een heel moeilijk compromis moeten sluiten”, zegt SP-fractievoorzitter Antoine Theeuwen. „Maar wij hebben besloten toch in het college te stappen, omdat we dan meer invloed kunnen uitoefenen. We hebben er wel de nodige kritiek over gekregen.”

VVD-fractievoorzitter Greetje van Gruting (oppositie) heeft er geen goed woord voor over: „De SP-ers hebben een flinke veer gelaten omdat ze zo pluchegeil zijn. Dit staat ons ook te wachten als de SP straks op het Binnenhof gaat meeregeren.”

Paul van Meenen, fractievoorzitter van D66 in Leiden, oordeelt niet milder. Hij zegt dat er de afgelopen maanden al een aantal crises zijn geweest, door het wanbestuur van de SP. „De SP in Leiden toont aan dat tomaten gooien iets anders is dan een stad besturen. De SP heeft duidelijk moeite geschikte bestuurders te vinden.”

Voor de lokale besturen heeft de SP ook buiten de eigen gemeenteraadsleden naar bestuurders gezocht. Acht van de 28 wethouders stonden niet op een lokale kieslijst. Nog eens drie wethouders stonden wel op de kieslijst, maar kwamen niet uit de raad. De SP-wethouder in Wijk bij Duurstede was eerst wethouder in Culemborg. Er was „behoefte aan iemand met bestuurlijke ervaring”, zegt Rosita Van Gijlswijk.

Net als in Leiden heeft ook de Groningse SP compromissen moeten sluiten. Toen er asbest was aangetroffen in een cultureel centrum pleitte de fractie van Rosita Gijlswijk voor volledige verwijdering. Landelijk zet de SP zich al jaren in voor asbestslachtoffers. Maar het college met daarin twee SP-wethouders, vond dat niet nodig. Uit metingen van TNO was gebleken dat het gezondheidsrisico ‘verwaarloosbaar’ was. „Dat is even slikken”, zegt Van Gijlswijk, maar ze bond wel in en diende geen motie in. Daar kwamen „best veel reacties op” vanuit de achterban.

De Groningse fractievoorzitter van het CDA, Jan Seton, noemt de SP-wethouders in Groningen „prima bestuurders”, maar vindt dat het linkse college in Groningen nog niet veel heeft laten zien. Volgens hem wordt in grote lijnen het beleid voortgezet zoals dat de afgelopen jaren met het CDA tot stand is gekomen. Voor een deel beaamt Rosita van Gijlswijk dat. „Wij staan voor een betrouwbare overheid, dat betekent dat je niet al het beleid van je voorgangers overboord gooit.” Seton denkt dat er iets anders speelt. Hij schrijft in zijn weblog: „De SP heeft er belang bij landelijk salonfähig te worden, dus in de plaatsen waar de partij in het college zit, roeren wethouders zich niet al te veel.”