Rauwer en echter

The Game: Doctor’s Advocate(Geffen/Universal)

De Rapper Met De Negen Kogelgaten schraapte zijn keel, veegde het zoute vocht uit zijn ooghoeken, duwde de schaars geklede videoclipactrice van zich af en liep stampvoetend naar de met diamanten ingelegde afstandsbediening van zijn stereotoren. Hij greep woest naar de hoorn van de grote gouden telefoon op zijn mahoniehouten bureaublad dat continu in directe verbinding stond met de studio van de man die hem groot had gemaakt, Dr. Dre.

„Ja, met Fiddy, uh.”

„Hé Fiddy, uh.”

„Wat maak je me nou, uh?”

„Hoezo, uh?”

„Je had toch beloofd dat je niet meer met The Game zou werken nadat ik had gezegd dat ik anders met G-Unit naar de concurrent zou gaan? Uh.”

„Ik héb niet met The Game gewerkt, waar heb je het over? Uh.”

„Ach man, flikker toch op, uh.”

Hij gooide de hoorn briesend op de haak. Niet-met-The-Game-gewerkt. Alsof Fiddy poep in z’n oren had. Die zwaar pompende, minimale, perfect afgemixte producties waar hij zelf net, toen hij even niet oplette, enthousiast met zijn hoofd op had meebewogen. Het was alsof de legendarische rapgroep NWA van Dr. Dre in een nieuwe vechtjas uit de as was herrezen. Hij had de naam van Dr. Dre zelfs meer dan dertig keer in de raps voorbij horen komen! De videoclipactrice had intussen het cd-boekje erbij gepakt en zei: „Het is waar, baby, ik zie echt nergens de naam van Dr. Dre staan.” Fiddy kwakte de gouden telefoon tegen de muur aan.

Dr. Dre had intussen in zijn studio het album ook opgezet. Wat was dit? Hij had The Game verstoten nadat die ruzie kreeg met 50 Cent, omdat 50 Cent nou eenmaal zijn troetelkip-met-de-gouden-eieren was. Maar nu moest hij even slikken. The Game leek door de afwijzing van Dr. Dre vuriger dan ooit. Rauwer, echter en emotioneler dan al die gearriveerde rappers, omdat hij zich vanaf de bodem terug had moeten vechten naar de top. Niet alleen muzikaal, ook in zijn raps klonk de invloed van Dre sterk terug. Met het verschil dat The Game met zijn zware stem en doeltreffende opschepraps een betere rapper was dan Dre ooit geweest was.

Ver weg van hun miljoenenvilla’s zat De Jonge Hiphopfan op zijn zolderkamer met een gelukzalige glimlach. Die hoorde een rapper over dampende miljoenenproducties met zware bassen, snijdende soul en penetrerende synthesizers die bleef roepen hoe veel hij van Dr. Dre hield en hoe graag hij de nieuwste grote hiphopster wilde worden. Stoer en opschepperig, maar tegelijkertijd onzeker en emotioneel. Met een stortvloed aan verwijzingen naar prominente namen en gebeurtenissen uit de hiphopgeschiedenis was het net een reality-soap, met een met zichzelf en zijn status worstelende hiphopfan die per ongeluk op het hoogste podium terecht was gekomen. En daar kon hij zich duizend keer meer mee identificeren dan met al die over coke en villa’s opscheppende rappers die er nog maar eens een schepje bovenop deden.

Saul van Stapele