Mavo-vmbo

Mavo-vmbo

Leo Prick verstaat de kunst om aan de hand van enkele losse citaten en verwijzingen een forse stelling te betrekken. Toch is dat riskant, want in W&O van 4 november dicht hij mij een leugenachtige bewering toe over de vraag of de politiek doende is geweest ‘de mavo de nek om te draaien’. Je kunt verschillend aankijken tegen de wijze waarop de vernieuwingen in het voortgezet onderwijs (vo) het afgelopen decennium vorm hebben gekregen. Onbetwistbaar lijkt mij evenwel dat er geen enkele beleidsmaatregel is uitgevaardigd die de mavo buiten beeld heeft gebracht.

In mijn eerdere brief (W&O, 22 oktober) heb ik een pleidooi gehouden voor een krachtige ondersteuning van de ontwikkeling van het vmbo. Het belang van leerlingen en een daaraan te ontlenen maatschappelijk belang rechtvaardigen deze keuze. Het is jammer dat Prick op het vraagstuk van de inrichting van het vmbo in het geheel niet ingaat. Hij komt niet verder dan vanuit een gepreoccupeerd beeld telkenmale de ‘bestuurders’ te lijf te gaan. Hij vereenvoudigt de werkelijkheid tot een karikatuur: politici en onderwijsbestuurders hebben een pact gesloten waaraan de gerechtvaardigde wensen en belangen van ouders en leerlingen ondergeschikt zijn gemaakt. De mavo wordt in Prick’s beeld opgeofferd ten faveure van ‘eigen’ bestuurlijke beleidsagenda’s. Hij doet er nog een schepje bovenop door mij zelfs leugenachtigheid aan te rekenen, omdat schoolbestuurders en onderwijspolitici ‘twee handen op een buik vormen’, en daarmee de toekomst van de mavo verkwanselen.

Prick creëert een beeld dat, en ik citeer los (!),‘Hendrikse en consorten’ de ‘centralistische rol van het ministerie hebben overgenomen’ .Het is op z’n zachtst gezegd misleidend en een vorm van manipuleren van de werkelijke verhoudingen in onze sector.

Met genoegen gaan we het debat aan over onderwijsinnovatie, kwaliteitszorg en governance. De start van de VO-Raad markeert de groei en bloei van de eigenstandigheid van de sector vo. Maar in dat debat geeft de heer Prick meestal niet thuis. Een opportunistische kwinkslag hier en een oppervlakkige notie daar is zijn handelsmerk: soms een columnist waardig, vaak echter ook onheus en onjuist.

Juist een gevoelig beleidsdossier als het ongedeeld vmbo vraagt om een kritisch-constructieve benadering. Het gaat dan over schoolloopbanen van leerlingen, kansen voor hen op de markt voor studie en arbeid en het maximaal gebruik maken van talenten van jonge mensen. Het is te genant voor woorden om dit onderwerp te misbruiken in een, kennelijk door Prick gewenste polemiek over door hem vermeende wanverhoudingen in het bestuurlijke domein.

Lid Raad van Bestuur Ons Middelbaar Onderwijs