Maak media sterkere schakel in democratie

Tussen burger en politiek botert het vaak niet, maar wat is eigenlijk de rol van de pers en de media hierbij? Rein Jan Hoekstra vindt dat journalisten zich vaker moeten beschouwen als dragers van een publiek ambt. Dat betekent dat de wensen en opvattingen uit de samenleving moeten worden gefilterd, en zo nodig weersproken. Marc Chavannes ziet de rolverwarring en branchevervaging binnen de journalistiek als een groot probleem. Hij wil meer kritische journalistiek over de journalistiek.

Oud-voorzitter van de Nationale Conventie, de door oud-minister van Bestuurlijke Vernieuwing ingestelde commissie die onderzoekt hoe het vertrouwen van de burger in de politiek kan worden hersteld.

Democratie is onvoltooid, ook al denken we soms het omgekeerde. De zestiger jaren van de twintigste eeuw, de aanslag op de Twin Towers en de moord op Fortuyn en Van Gogh leidden in eerste instantie tot ongeloof, soms paniek. Vervolgens worden politieke initiatieven genomen om te werken aan democratie, aan herstel van vertrouwen tussen burger en politiek. De werking van de politieke instituties wordt geanalyseerd om te zien of veranderingen nodig zijn dan wel volstaan kan worden met herijking van de kerntaken van deze instanties.

De uitkomst is veelal een menging van beide. Zo is het ook met de aanbevelingen van de Nationale Conventie. Die richten zich op eerherstel van burgerschap (door de burger te zien als drager van een publiek ambt), op versterking van de representatieve democratie (door de Tweede Kamer los te maken uit de verstrengeling met het dagelijks bestuur in Den Haag), op de positie van de Grondwet (door versterking van haar rol in de samenleving) en op integratie van Europees beleid in nationaal beleid (door dat beleid te verlossen uit de geïsoleerde koker waarin het zich bevindt).

Wat is de rol van pers en media in deze context van het vertrouwen tussen burgers en politiek? Hebben zij een verantwoordelijkheid op dat punt en zo ja, hebben zij tijdig de ontwikkelingen die zich in 2001 en volgende jaren hebben voorgedaan, onderkend? Liepen zij voor de troepen uit of liepen zij met de troepen mee of zelfs daar achteraan? Heeft de pers de burgers vervolgens alleen geïnformeerd over hetgeen feitelijk gebeurde of heeft zij debat en publieke conversatie gestimuleerd?

Heel sceptisch zou de opvatting kunnen worden gehuldigd, dat nieuws vooral infotainment is geworden. Nieuwsmedia zijn als een warenhuis of supermarkt die elk wat wils bieden in de schappen, om winst te maken om te overleven. De supermarkt Den Haag scoort daarbij hoog. Maar deze benadering doet onrecht aan de kwaliteitsmedia. Zij doen nog steeds hun best feiten en meningen te scheiden, hoor en wederhoor toe te passen, een visie te ontwikkelen. Zullen zij overleven?

Ja, maar dan zullen zij zich wel bewust moeten zijn van hun maatschappelijke en publieke verantwoordelijkheid. Is het terecht om hen daarop aan te spreken? Ja, zij onderschrijven zelf die plicht: NRC Handelsblad, ‘slijpsteen voor de geest’, ‘Lux et Libertas’; Trouw, ‘betrokken bij de samenleving’, ‘oog hebben voor wat er werkelijk in de wereld gebeurt’, ‘een krant met idealen’.

Steeds meer zoeken media de grens op. Het gemak waarmee de eer en goede naam van personen in de media wordt uitgemeten als de schuld van betrokkene in de verste verte nog niet vaststaat, is geen uitzondering meer.

Weerstand vanuit de samenleving en politiek is er te weinig. Integendeel. Nieuws in de ochtend is in de loop van de dag aanleiding voor een Kamervraag of zelfs een spoeddebat in de Kamer.

De opdracht van het kabinet aan de Nationale Conventie was voorstellen te doen voor de inrichting van het nationale politieke bestel die kunnen bijdragen aan herstel van het vertrouwen tussen burger en politiek.

De aanbevelingen van de Conventie zijn niet schokkend maar wel vitaal voor onze parlementaire democratie. Ik wijs op de aanbevelingen over de relatie Nederland-Europa, de positie van de Grondwet en het rechterlijk toetsingsrecht en de introductie van themacommissies in de Tweede Kamer ter versterking van de representatieve democratie. Eerherstel voor de onderscheiden positie en verantwoordelijkheid van wetgeving en bestuur. De Tweede Kamer is te veel medebestuurder, richt zijn belangstelling samen met de media op bestuurlijke aangelegenheden, op doen en laten van de regering. Tweede Kamer, keer terug naar de burger, dat is de oproep. Pers, wees slijpsteen voor de geest van de lezer, slijpsteen voor herstel van vertrouwen, voor een goed functionerende democratie in al haar facetten – daarbij niet aanschurkend tegen politiek Den Haag, zich afwendend van Europa en de burger, maar met het gezicht naar de burger en met vertrouwen in de lezer en de luisteraar.

De media zijn oog en oor van de samenleving. Soms heb ik wel eens de indruk dat die oog- en oorfunctie door Kamer en media vertaald wordt in het doorgeven van wensen en opvattingen van de burger en van belangengroeperingen aan de politiek in Den Haag. Het behoort echter tot de taak ook van de media die wensen en opvattingen te wegen, te filteren en te integreren en zelfs te weerspreken. Democratie is geen doorgeefluik van onderling strijdige, veranderende, irreële of soms verwerpelijke wensen. In zoverre zal er altijd een kloof zijn tussen kiezers en gekozenen. Ook media oefenen een publiek ambt uit. Een ambt dat zich dient te onderscheiden van die van wetgever, bestuur en rechter. Dat lijkt evident maar is geen werkelijkheid. Zoals de Kamer te veel meebestuurt, loopt de pers mee met het bestuur.

Het kan anders. Zet de journalist met nationale ervaring ook in voor herstel van de band Nederland-Europa en voor grotere betrokkenheid van de Kamer en samenleving bij Europa. Wat vinden journalisten met het oog daarop van een dubbelmandaat van Kamerleden en Europarlementariërs?

In de scholing en opleiding van journalisten en in hun werk zouden de elementen burgerschap, representatieve democratie, Grondwet en Europa als vitale elementen moeten zijn opgenomen. Voor de publieke rol van media lijken mij deze elementen onmisbaar, evenals inzicht in de eigen verantwoordelijkheid jegens de andere instituties en de samenleving. Zorgvuldigheid in optreden, inachtneming van grenzen, dienen vanzelfsprekend te zijn.

De media hebben binnen hun eigen sector onvoldoende zorg gedragen voor de nodige checks and balances om dat te bereiken. Soms denk ik wel eens: waarom is er geen ombudsman voor alle mediagedragingen, of een geschillencommissie. Verdere zelfregulering van de mediasector lijkt mij in ieder geval gewenst: om de discussie in eigen kring aan te jagen over eigen verantwoordelijkheid en in acht te nemen zorgvuldigheid, maar vooral over de verplichtingen die het publieke ambt aan de media oplegt.

En de voornaamste verplichting is een bijdrage te leveren aan versterking van de kwaliteit van de democratie. Democratie is onvoltooid en kwetsbaar. Wetgever, bestuur, rechter en media hebben in onafhankelijkheid hun rol te vervullen ter wille van de democratische rechtsstaat. Media zijn een onmisbare schakel in de democratie, maar zijn onvoldoende complementair aan zwak functionerende schakels in de keten. Nu lijken zij te veel verknoopt met het dagelijks bestuur in Den Haag of Brussel. En zijn daarom niet de – onmisbare – sterke schakel die zij kunnen zijn.

Dit is een bekorte versie van de Thorbeckelezing, die Hoekstra woensdag hield in Zwolle. De volledige tekst (‘Democratie is zo sterk als haar zwakste schakel is’) is te lezen op www.nrc.nl/opinie. De aanbevelingen van de Nationale Conventie zijn te vinden via www.nationaleconventie.nl