Komt een bankier bij de dokter...

Het is niet uitgesloten dat het boekhoudschandaal bij Ahold er voor zorgde dat het bij Van der Hoop Effektenbank – inmiddels failliet – pas echt flink mis ging. Chaosleer, dominotheorie? Nee, hoor. Gewoon een koele constatering van de feiten die deze week bekend werden.

Na een kritisch rapport van de curatoren van Van der Hoop over de rol van De Nederlandsche Bank volgden de afgelopen dagen onderzoeksrapporten van advocatenkantoor De Brauw en van adviesbedrijf KPMG over het bankroet van deze effectenbank.

Voor huisaccountant Deloitte representeert Van der Hoop na Ahold de tweede tuchtklacht bij een (voormalige) beursgenoteerde klant. Bij Ahold hijgen Pieter Lakeman en het openbaar ministerie Deloitte in de nek. Bij Van der Hoop doen de curatoren en schuldeisers het.

Maar de accountants van Deloitte leveren niet het eventuele bewijs voor een oorzakelijk verband tussen de problemen bij Ahold en Van der Hoop. Dat doet Michiel Meurs, de voormalige financieel directeur van het supermarktconcern. Bij Van der Hoop was Meurs commissaris met een zware portefeuille: hij was voorzitter van het boekhoudcomité. Zijn vertrek bij Ahold werd binnen een maand gevolgd door een vertrek bij Van der Hoop.

KPMG stelt vast dat er sindsdien bij De Nederlandsche Bank geen informatie meer is over activiteiten van het boekhoudcomité . Anders gezegd, tussen maart 2003 en het faillissement in december 2005, is er bij de toezichthouder kennelijk niets bekend over het financiële toezicht door de commissarissen.

Dat zegt niet alleen wat over de kracht van Meurs, maar ook iets over de rol van De Nederlandsche Bank. KPMG en De Brauw onderzochten in opdracht van De Nederlandsche Bank hoe deze toezicht had gehouden. De conclusies zijn aanmerkelijk positiever dan die van de curatoren (‘toezicht tekortgeschoten’). De Nederlandsche Bank heeft zich „zeer ingespannen met een op maat gesneden toezicht”. Betrokkenen hebben hun werk consciëntieus gedaan.

Het venijn zit in de staart. Er volgen enkele kanttekeningen. Onderzoekers van De Brauw stellen vast dat De Nederlandsche Bank het ‘not done’ achtte om contact te onderhouden met de raad van commissarissen, de toezichthouders binnen een onderneming. De Nederlandsche Bank las de notulen van de aandeelhoudersvergadering niet, de notulen van de raad van commissarissen evenmin.

Algemene aanbeveling van de adviseurs aan De Nederlandsche Bank: lees bij het bankentoezicht voortaan de notulen en hou contact met de commissarissen.

Jeroen Wester