Het kweken van Europese trots kan geen kwaad

Het kabinet legt prioriteit bij het afschaffen van symboliek als vlag en volkslied als het om de toekomst van de Europese Unie gaat (NRC Handelsblad, 10 november). Ik leefde steeds in de veronderstelling dat het dit kabinet vooral ging om het terugdringen van Europese bemoeienis bij onderwerpen die er voor de burger werkelijk toe doen. Door de aandacht nu op zo`n negatieve manier zo op de uiterlijke verschijningsvormen van de EU te vestigen, geeft het kabinet eindelijk openlijk blijk van zijn eurosceptische grondhouding. Wat een armoe, wat een provincialisme. En wat een kiezersbedrog door te doen alsof je de Europese Unie op deze wijze uit het dagelijks leven van burgers kunt bannen, terwijl je in de praktijk dagelijks - en met reden overigens - aan de verdere uitbouw werkt.

Maar los daarvan: wat is er zo slecht aan het kweken van een beetje Europese trots? Onze voorspoed hebben we zeker niet voor de volle 100 procent aan de Europese Unie te danken. Maar ik stel me wel de vraag waar anders op de wereld dan in de EU zoveel oog bestaat voor de menselijke maat en met beleid invulling wordt gegeven aan het begrip solidariteit tussen mensen én volken.

En ja, daar is de EU, daar zijn wij als EU-burgers allemaal, verantwoordelijk voor. Laten we daar alsjeblieft een beetje trots op zijn.