Het drinken van paardenpis

kir1.jpgOf Borat de roem naar het hoofd is gestegen, zo werd hem onlangs gevraagd. Zeker niet. Hij voelde zich helemaal niet te goed ‘to sit down with his old pals all night and drink horse-urine’.

Kazachstan heeft Borat inmiddels gecorrigeerd: de nationale drank is niet gegiste paardenpis maar gegiste merriemelk, of koemis. Alles goed en wel, maar smaakt het daarmee beter? kir2.jpgNa het drinken van naar schatting een liter koemis ben ik daarvan niet zo zeker. Koemis smaakt naar rotte melk, en dat is het ook. Ik dronk het in 2005 in Kirgizië, niet in Kazachstan. (Maar die volkeren zijn moeilijk uiteen te houden voor buitenstaanders. Kirgiziërs dragen een soort smurfenmuts.)

kir3.jpgHet probleem met koemis is zijn onvermijdelijkheid. Het goedje is voor Mongoolse stammen wat wijn is voor Latijnse, en bier voor Germaanse stammen. Langs alle grote wegen in het hart van Centraal-Azië verkopen oude vrouwtjes jerrycans koemis aan stadsbewoners. Die drinken het om het gevoel te hebben dat ze in hun hart nog altijd stoere nomaden zijn. 

kir4.jpgValt de avond en vraag je bergbewoners of je die nacht in een van hun yoerts mag slapen, dan begint de verbroedering met een mok zure merriemelk. Zoiets sla je niet af. Je haalt diep adem, slokt het in één keer naar binnen en hoopt dat ze je gezichtsuitdrukking niet zien.

Hier een heel kort filmpje waarin Sieta op weg naar Osh haar eerste pint koemis drinkt. Ik moest dat gewoon vastleggen.