Debat tussen religie en atheïsme in publieke domein 2

Corine Vloet stelt terecht dat religie behoort tot de privésfeer. Volgens haar behoort religie niet tot het publieke domein. Zij doelt daarmee op overheidsorganen en scholen.

Dit acht ik toch wel een te beperkte benadering. Tot het publieke domein hoort ook de publieke ruimte. Mijn inziens dienen wij in de publieke ruimte gevrijwaard te zijn van opdringerige geloofsuitingen. Wanneer religie tot de privésfeer behoort, dient die ook primair binnen de privésfeer te worden beleefd. Dat wil zeggen binnen je eigen woning en in geloofshuizen. Vanuit het recht op vrije meningsuiting mag er uiteraard wel `reclame` voor religie worden gemaakt. Iets anders zijn opdringerige geloofsuitingen in de publieke ruimte. Om die reden dienen gezichtsbedekkende gewaden in de publieke ruimte verboden te worden. Net zoals het dragen van bivakmutsen en helmen (anders dan wanneer gebruikt op een motor of brommer) in de publieke ruimte verboden moeten worden. Deze bevorderen namelijk gevoelens van anonimiteit, bedreiging en onveiligheid.

Zoals Corine Vloet stelt zal de staat inderdaad niet de straatmode behoren te bepalen. Iets anders is evenwel het recht om je in de publieke ruimte onbedreigd en veilig te voelen. Aanvullend op de plicht je te kunnen legitimeren dient er daarom de verplichting te komen dat je je niet onherkenbaar in de publieke ruimte mag begeven.