CDA ‘aan de haal’ met liberale successen

Kiezers stappen over van de PvdA naar de SP, en van de VVD naar het CDA. PvdA en VVD zitten klem. Met nog vijf dagen te gaan naar 22 november lijkt de race dus gelopen.

Het is moeilijk voor de VVD. De afgelopen week beklaagden de liberalen zich steeds vaker en steeds openlijker over het feit dat het CDA er met de buit van vier jaar regeren vandoor gaat. „Balkenende claimt het succes, maar ten onrechte”, zei minister Verdonk. Ook VVD-lijsttrekker Rutte en vice-premier Zalm zeiden hetzelfde.

Maar ook PvdA-leider Bos heeft het moeilijk. Zijn partij daalt gestaag in de peilingen, terwijl ter linkerzijde de SP aanzienlijk in omvang toeneemt. Van de lang verwachte tweestrijd tussen Bos en Balkenende om het torentje is al sinds een week of twee niets meer te zien in de peilingen. Een tweestrijd tussen Bos en Marijnissen ligt nu meer voor de hand.

PvdA-columnist Ronald Plasterk schreef gisterochtend in de Volkskrant dat volgens hem de linkse kiezer zo’n hekel aan Balkenende heeft – en Bos nalaat het CDA uit te sluiten – dat de kiezer die normaal gesproken op de PvdA stemt nu uitwijkt naar de SP. De ‘strategische’ stem valt nu aan Marijnissen toe, juist omdat Bos verzuimt helder te zijn over zijn voorkeuren na 22 november.

Aan die onhelderheid probeerde Bos donderdag een einde te maken in Limburg. Hij noemde zeven ‘breekpunten’ van zijn partij die in een eventuele coalitiebesprekingen met het CDA ononderhandelbaar zijn. De vraag is of Bos daarmee op tijd komt. Hij zegt dat de campagne „net begonnen” is, en dat er in vijf dagen nog veel kan gebeuren. Dat kán, maar de trend laat wat anders zien.

Uit onderzoek van de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam en de Universiteit van Amsterdam (UvA) waarbij vanaf half september door onderzoeksbureau Ruigrok/Netpanel om de twee weken 770 lezers van landelijke dagbladen werden ondervraagd, blijkt dat gemiddeld 12 procent van hen van politieke voorkeur is gewisseld sinds begin november. Kiezers lopen weg bij hun vroegere partij als die partij de ‘thuisthema’s’ niet in ere houdt, geen succes weet te boeken of wordt genegeerd. De overstappers komen dan terecht bij verwante partijen, waarmee ze het ook (deels) eens zijn.

De overstap van PvdA naar SP valt zo grotendeels te verklaren. PvdA en SP zijn de afgelopen vier jaar inhoudelijk naar elkaar toe gegroeid, al was het maar omdat ze beide vanaf dezelfde kant van het politieke spectrum oppositie voerden tegen CDA-VVD. PvdA en SP hebben zich in die tijd ook weinig tegen elkaar afgezet.

Ter rechterzijde doet zich eenzelfde verschijnsel voor tussen CDA en VVD. De VVD heeft de afgelopen jaren geen afstand genomen van het CDA, maar kwam wel zelf negatief in het nieuws, onder meer door de lijsttrekkersverkiezing. Door de daling in de peilingen zien de kiezers de VVD als een ‘falende’ partij. Gevolg: VVD-kiezers stappen over naar het CDA. Inhoudelijk zitten die twee partijen in de perceptie van de kiezer op één lijn, en paradoxaal genoeg benadrukken de VVD-kopstukken dat ook keer op keer; Zalm, Verdonk en Rutte klagen dat het CDA er met de liberale successen vandoor gaat.

Voor de PvdA geldt dat na de interne meningsverschillen over de fiscalisering van de AOW eveneens een daling in de peilingen optrad, zeker gezien de enorme virtuele winst eerder in diezelfde peilingen. In de beeldvorming steeg het CDA en daalde de PvdA, en kiezers reageren daar op. PvdA-kiezers lopen over naar de SP, omdat die het in peilingen wél goed doet.

Het CDA profiteert van de negatieve bandwagonvan de VVD. Kiezers lopen over naar de christendemocraten. Ironisch genoeg leidt dat er toe dat de coalitie als geheel (nu 70 zetels in de Kamer) in de peilingen op verlies staat. Daarmee komt voortzetting van het beleid in gevaar.

Het is wijsheid achteraf, maar de VVD had misschien beter gepresteerd als ze de kiezer eerder duidelijk had gemaakt dat op thema’s als overheidsfinanciën en immigratie echt een groot verschil bestaat met het CDA. Voor de PvdA geldt dat ze zich harder tegen de SP had moeten afzetten, net als in de jaren zeventig toen de partij dat deed tegen kleine linkse partijen als CPN en PSP. Bos (en ‘zijn’ columnist Plasterk) deden dat gisteren wel, de verschillen benadrukken tussen SP en PvdA. Maar de PvdA is er te lang vanuit gegaan dat in de machtsstrijd tussen PvdA en CDA de SP, net als in 2003, vanzelf leeggegeten zou worden. Marijnissen kon dus worden genegeerd.

Wat dat betreft zit Marijnissen tegenover Bos nu in de rol die Pim Fortuyn en zijn LPF in 2002 tegenover de VVD hadden. De VVD negeerde de LPF in eerste instantie, maar na interne kritiek paste toenmalig leider Dijkstal zijn koers aan en kwam dichter bij de LPF te staan. Dat maakte het voor kiezers nog eenvoudiger de overstap van VVD naar LPF te maken. Datzelfde risico loopt Wouter Bos nu.

PvdA en VVD zitten klem. Ze willen zich scherper profileren, maar omdat ze geen van beide het alleenrecht hebben op campagne-issues, profiteren respectievelijk SP en CDA inhoudelijk mee. Met nog vijf dagen te gaan lijkt de race gelopen.

Het onderzoek is na te lezen op www.kies2006.nl