Spraakmakend apostel van de vrije markt

Hij beïnvloedde Reagan, Thatcher en Pinochet. In de Amerikaanse econoom Milton Friedman kende de vrijemarkteconomie haar grootste voorvechter.

Cees Banning

De Amerikaanse president Ronald Reagan las zelden een boek, maar Free to Choose lag – zo wil de overlevering – kapotgelezen op zijn nachtkast. De gisteren op 94-jarige overleden econoom Milton Friedman schreef het in 1980 samen met zijn vrouw Rose. Het boek werd een internationale bestseller en de gelijknamige televisieserie trok wereldwijd een miljoenenpubliek. Milton Friedman, profeet van het vrijemarktdenken, kon zijn geluk niet op toen hij hoorde dat de tv-documentaire zelfs totalitaire staten werd binnengesmokkeld.

Friedman, die in 1976 de Nobelprijs voor de economie won, had grote invloed op het beleid van Reagan (1981-1989), de Britse premier Margaret Thatcher (1979-1990) en de Chileense dictator Augusto Pinochet (1973-1990).

Friedmans ideeën gaan uit van een sterk vertrouwen in de werking van het marktmechanisme. De overheid moet zo min mogelijk ingrijpen in het economische proces. Friedman erkent dat vrije markten niet perfect zijn, maar volgens hem leveren imperfecte markten betere resultaten op dan het handelen van bureaucraten.

In zijn Capitalism and Freedom (1962) beschrijft hij zijn opvattingen over economisch beleid. De boodschap vond, door de tijdgeest van de jaren zestig en zeventig, weinig weerklank. Aan de vooravond van de ‘Reagan-revolutie’, publiceerde hij de gepopulariseerde versie van dit magnum opus onder de titel Free to Choose.

Friedman maakte naam als theoreticus van het monetarisme (only money matters). Deze theorie verklaart inflatie, werkloosheid en betalingsbalanstekorten uit storingen in het geldwezen. Het monetarisme is een repliek op de keynesiaanse school, die meer let op de bestedingen, niet zozeer op geldschepping. In 1956 kwam Friedman, als belangrijkste representant van de zogenoemde Chicago-school, met een goed gefundeerde neoklassieke reactie op de dominantie van de keynesiaanse theorieën. Samen met Edmund Phelps heeft hij het keynesiaans denken gesloopt, was de reactie een maand geleden toen Phelps de Nobelprijs voor economie kreeg.

Milton Friedman werd op 31 juli 1912 geboren in New York, zijn ouders waren joods-Hongaarse migranten uit Beregszász (nu Oekraïne). In 1933 studeerde hij af als econoom aan de Universiteit van Chicago en in 1946 benoemd als hoogleraar aan dit conservatief bolwerk.

Friedman was een controversieel econoom. Zijn ideeën vonden weerklank bij de Chileense dictator Pinochet, onder wiens bewind ruim drieduizend politieke tegenstanders werden vermoord. In de jaren zeventig bezocht Friedman frequent Chili, wat felle kritiek uitlokte. „Ik heb er openbare lezingen gegeven. Maar ik heb nooit iets van de Chileense regering betaald gekregen. Hetzelfde heb ik ook in communistisch China gedaan”, zei hij in 1993 in een vraaggesprek met NRC Handelsblad. Wat hem motiveerde? „Vrije markten maken vrije mensen.”

Toen Friedman in 1976 de Nobelprijs voor de economie kreeg, wegens zijn verdiensten op het terrein van de monetaire theorie, ontlokte dat veel maatschappelijk verzet. Twee jaar eerder had zijn inspirator, de Oostenrijkse econoom Friedrich von Hayek (1899-1992), de prijs in ontvangst genomen. Op de bekroning van Friedman volgde de doorbraak van de Chicago-school.

Een van de meest invloedrijke economen van de afgelopen eeuw stierf aan een hartaanval in San Francisco.