Niet zeuren, jullie!

Charles Groenhuijsen: Leve Nederland. Over dromers en doorzetters, leiders en vernieuwers, helden en idealisten. Balans, 285 blz. €16,95

Charles Groenhuijsen: Leve Nederland. Over dromers en doorzetters, leiders en vernieuwers, helden en idealisten. Balans, 285 blz. €16,95

Nederlanders zeuren te veel. Dat vindt Charles Groenhuijsen, oud- correspondent voor het NOS-journaal in Washington. Nederlanders zijn ervan overtuigd dat er van alles mis is met hun land, maar het gaat juist prima, zegt Groenhuijsen. Om zijn stelling te bewijzen maakt Groenhuijsen een snelle rondgang door het onderwijs, de economie, de gezondheidszorg, de integratie en het bestuur. Overal ziet hij hoopvolle ontwikkelingen. De misdaad is op de terugtocht, er is betrekkelijk weinig armoede, er zijn steeds meer vrouwelijke ondernemers en ons onderwijs is helemaal niet zo slecht. Bij de integratie van minderheden is geen sprake van een drama, de Nederlanders zijn heel gezond en de bestuurders zijn van wereldklasse.

Bij al zijn positieve opmerkingen vermeldt Groenhuijsen wel vaak dat het beter kan, en hij baseert zich dan op de Amerikaanse praktijk. Zo kunnen we bij de omgang met onze immigranten drie dingen van de Amerikanen leren. Ten eerste: het optimisme dat het uiteindelijk wel goed komt met nieuwe landgenoten. Dat leidt tot een veel minder negatieve houding, en dat slaat over op de immigranten. Ten tweede: geduld. De Nederlandse politiek heeft altijd haast, en wil te snel resultaat zien. Ten derde heeft Amerika veel meer laagbetaald werk en een veel lager minimumloon, en dat maakt het voor nieuwkomers gemakkelijker om een baan te vinden.

We kunnen ook een voorbeeld nemen aan de Amerikaanse bijstandswet, zegt Groenhuijsen, die geeft iedere burger recht op maar maximaal vijf jaar ondersteuning. Gecombineerd met het Amerikaanse systeem van forse belastingreducties voor de laagste inkomens leidde de nieuwe bijstandswet (door president Clinton) ertoe dat miljoenen Amerikanen een baan gingen zoeken, én vonden.

De hoopgevende trends die Groenhuijsen in Nederland ziet zijn de bekende onderdelen van de neoliberale agenda: minder mededogen met zielige gevallen, meer eigen verantwoordelijkheid, meer stimulansen om te gaan werken, meer competitie. Ook op cultureel gebied kijkt Groenhuijsen door een Amerikaanse bril: hij is verbijsterd over de schuttingwoorden die op de tv worden uitgesproken, hij prijst Balkenende als die voor fatsoen pleit en hij looft bestuurders die van burgers eisen dat ze zich aan wat basisregels houden.

Allemaal nuttige ideeën, maar daar ligt ook een zwakte van het boek: ze zullen veel krantenlezers bekend voorkomen. De meeste SCP- en CPB-rapporten waaruit Groenhuijsen citeert zijn in de media al opgemerkt, en de conclusie dat het met Nederland helemaal niet zo slecht gaat als sommige onheilsprofeten menen is ook al door menigeen getrokken. De prominentste van hen is de huidige minister-president. Hij zal dit boek met instemming lezen.