Miskende vechtjas Royal overwint scepsis

De Franse socialisten hebben Ségolène Royal gisteren gekozen als hun kandidaat voor de presidentsverkiezingen van volgend jaar. Wil ze die winnen dan moet ze ook versplinterd links achter zich zien te krijgen.

Ségolène Royal vierde haar zege vannacht en vandaag in Melle, een stadje op 400 kilometer ten zuid-westen van Parijs. Het is een symbolische plaats in dubbel opzicht.

Hier woont het Frankrijk-van-de-gewone-mensen dat Royals belangrijkste politieke kapitaal is. Maar het is ook het centrum van het kiesdistrict Les Deux-Sèvres, dat Royal sinds 1988 onafgebroken vertegenwoordigt in het Franse parlement. Een langjarige insider van het Parijse politieke establishment die sinds een jaar is gaan gelden als een kampioen van de mensen die menen de politieke klasse hen niet begrijpt. Dat is de paradox waar Ségolène Royal voor staat – en volgens velen de sleutel tot haar succes.

De aanwijzing van de 53-jarige presidente van de regio Poitou-Charentes tot presidentskandidaat is de uitkomst van een lang gekoesterde ambitie, waar de partijnotabelen om haar heen even lang niet in geloofden. Toen de leiders van de vorige generatie, Lionel Jospin en Henri Emmanuelli, in 1995 in de eerste interne PS-verkiezingen streden om de presidentskandidatuur, weerhield haar levenspartner François Hollande, nu partijsecretaris, Royal er persoonlijk van ook een rol te spelen in die strijd.

Royal was in 1992-’93 al minister van Milieuzaken geweest, maar in de regering-Jospin moest zij het doen met twee als onbelangrijk beschouwde ministersposten: Lager Onderwijs (1997-2000) en Familiezaken (tot 2002). Royal werkte door aan haar carrière: zij trok de aandacht met mediagenieke gevechten: tegen geweld op tv, tegen het zichtbaar dragen van strings op school en voor vaderschapsverlof. Het leidde tot ergernis bij collega’s en belangstelling bij kiezers.

Na de nederlaag van Jospin in de presidentsstrijd in 2002 groeide Royal uit tot een boegbeeld van het herstel van links, toen zij in 2004 werd gekozen tot president van de regio Poitou-Charentes, thuisbasis van toenmalig premier Raffarin. Maar toen Royal er dertien maanden geleden op zinspeelde dit keer wel zelf kandidaat te willen zijn, ontlokte zij, ook in haar eigen kamp, reacties die varieerden van scepsis tot hoon.

Dat schaadde haar niet, haar aanzien als miskende vechter groeide juist. Als dochter van een autoritaire kolonel had Royal, in 1953 geboren in Senegal, altijd moeten vechten tegen vooroordelen over meisjes. Het had haar niet weerhouden van een opleiding aan de elitescholen van de republiek, en een vroege carrière (vanaf 1981) als adviseur op het Elysée.

Opiniepeilers registreerden vorig jaar onmiddellijk een gunstige reactie bij de kiezers. De score van ruim 60 procent die Royal gisteren behaalde onder de partijleden van de PS, komt overeen met de percentages die zij vrij constant scoort in peilingen over het vertrouwen dat zij wekt. Alleen Nicolas Sarkozy op rechts kan zich daarin met haar meten.

Peilingen waren het afgelopen jaar een belangrijk wapens voor Royal om de PS te veroveren. Samen met de soms uitzinnige reacties die zij bij spreekbeurten – in altijd volle – zalen ontlokt bij aanhangers, hebben zij het partijapparaat er van overtuigd dat in haar een winnaar schuilt.

Royal is nu ook gekozen als het antwoord van centrum-links op 2002. De versplintering op links was een van de belangrijkste oorzaken van de nederlaag van Jospin in 2002: 42 procent van de Fransen stemde op zo veel verschillende linkse kandidaten, dat geen van hen de tweede ronde haalde. Dat sindsdien de verdeeldheid niet is verdwenen, bleek tijdens het referendum van vorig jaar over de Europese Grondwet. Binnen la gauche du non, het antiliberale links, bereiden zich vooralsnog opnieuw zo’n vijf kandidaten voor op de presidentsverkiezingen, inclusief de betrekkelijk populaire ex-minister Jean-Pierre Chevènement. Royal was voor het ja, maar wist de laatste tijd ook nee-stemmers aan zich te binden.

De verwachting is niet dat Royal de komende maanden met onderhandelingen gaat proberen eenheid op links te smeden. Het antwoord op 2002 heeft zij tot nu gezocht in het creëren van „een elan” in de publieke opinie, door een nieuwe politieke stijl in te voren en andere accenten te leggen: geen harde sociaal-economische campagne, maar luisteren naar mensen, participerende democratie beloven, waarden als ‘gezag’ en ‘gezin’ voorop zetten.

Gisteren kondigde ze aan op die manier verder te gaan. Ze rekent op het elan dat ze losmaakt: „Ik denk dat het Franse volk deze geschiedenis aan het schrijven is.”

Ook dat zij een vrouw is, wordt tot haar troeven gerekend. Royal voldoet aan het beeld van de Franse variant op een vrouwelijke leider: een elegante verschijning die in bij voorkeur witte mantelpakjes streng spreekt over morele waarden – in de voorsteden, in gezinnen, op scholen en in de economie.

Daar staat tegenover dat ze er in de PS-campagne niet in geslaagd is een einde te maken aan de verwijten dat het haar ontbreekt aan klassieke sociaal-economische bagage en leiderschapskwaliteiten.