‘Je helpt mensen niet met telkens een nieuwe kans’

Energiebedrijven mogen in de winter geen stroom meer afsluiten bij wanbetalers. Het verbod lijkt sociaal maar volgens hulpverleners werkt het niet: de schulden lopen op en de wanbetaler komt niet tot inkeer.

Het lijkt zo sociaal, nu de winter nadert: energiebedrijven mogen tijdens de winter het gas en licht niet meer afsluiten bij wanbetalers. Van 1 oktober tot 1 april, zo luidt het politiek breed gesteunde verbod van minister Wijn (Economische Zaken), mogen energiebedrijven alleen nog de stroom afsluiten als een wanbetaler illegaal stroom aftapt of expliciet weigert mee te werken aan schuldsanering door een professional. Anders niet.

De incasseerder-afsluiter moet dan onverrichter zake naar huis, ook al heeft de persoon een schuld van duizenden euro’s bij het energiebedrijf. Sterker: de regeling eist dat stroombedrijven mensen die wegens wanbetaling al afgesloten waren weer aansluit voor de winter – tegen dezelfde voorwaarden.

Maar de nieuwe regeling, die volgens het ministerie volgende week klaar is, is allesbehalve sociaal, zeggen deskundigen uit de wereld van de schuldhulpverlening. „Je helpt mensen niet door ze telkens weer een kans te geven. De oude schulden van dat huishouden blijven zo een half jaar langer bestaan en de prikkel om je financiën eindelijk op orde te brengen, blijft uit”, zegt Hella Klück, sector manager geestelijke gezondheidszorg bij de GGD Gooi en Vechtstreek. Energiebedrijven moeten ook in de winter onverbiddelijk doorgaan met afsluiten, zeggen de hulpverleners, als je wilt dat iemand weer prioriteiten leert stellen in zijn uitgaven.

„De regeling moet zeker niet gezien worden als een premie op niet-betalen”, zegt de woordvoerder van Wijn. „Maar de minister vindt het vreemd dat iemand in dit land in de kou en het donker moet zitten als hij wel bereid is mee te werken aan schuldsanering.”

De wachtlijsten in de schuldhulpverlening zijn een bijkomend probleem: een wanbetaler die belooft mee te werken aan schuldsanering, opdat zijn stroom niet wordt afgesloten, stuit vervolgens op een maandenlange wachtlijst bij schuldhulpverleners. Energiebedrijven moeten op hun beurt stroom blijven leveren, terwijl ze alsnog maandenlang kunnen wachten op een begin van de aflossing. De woordvoerder van minister Wijn erkent dit.

Absurd, vindt Jos Broens, hoofd van de afdeling incasso voor vier oostelijke provincies bij Nuon. Nuon is het grootste energiebedrijf in Nederland. „Door de nieuwe regeling zadelt het rijk lokale overheden en schuldhulpverleners op met groeiende wachtlijsten. Dat is vooral niet in het belang van de hulpbehoevende klant. Die raakt dieper in de schulden terwijl hij zijn nieuwe maandbedragen wel moet voldoen.” Stroom afsluiten, zegt Broens, is bovendien dé manier om iemand met een betalingsachterstand wakker te schudden. „Ook al is dat voor een bijstandsmoeder heel vervelend.”

Nuon is voorloper op het gebied van hulp aan wanbetalers. Het bedrijf sloot in 2005 convenanten met een aantal grote GGD’s, zoals die in het Gooi en Amsterdam. Ze spraken af dat als een incasseerder van Nuon bij iemand komt afsluiten van wie hij de indruk krijgt dat hij psychische problemen heeft, hij die persoonsgegevens mag doorgeven aan de GGD. De incasseerder mag die persoon overtuigen om schuldhulp te zoeken en als dat lukt, sluit hij als wederdienst de stroom niet af.

Als een stroombedrijf wel onverbiddelijk afsluit, dan kunnen de kosten voor een particulier hoog oplopen. Bij iemand die telkens de deur niet opendoet, moet het bedrijf in de straat graven om af te sluiten; dan komt er 700 euro bovenop de uitstaande rekeningen en de invorderingskosten.

Nuon heeft ook een zakelijk belang bij het sociale beleid. Nuon sluit jaarlijks ongeveer 8.000 huishoudens tijdelijk af wegens wanbetaling. En die hebben vaak ook schulden bij postorderbedrijven en kredietverstrekkers. Als iemands schulden zo hoog oplopen dat hij in de wettelijke schuldsanering terechtkomt, is de kans groot dat het energiebedrijf van de rechter genoegen moet nemen met een fractie van de vordering.