boekberichten

Weverberghs nieuwe start

De Vlaamse uitgeverslegende, en in de jaren zestig een van de meest gevreesde critici in Vlaanderen en Nederland, Julien Weverbergh (76) gaat een nieuwe uitgeverij oprichten. Bij Wever & Bergh Publishers zullen in maart 2007 de eerste boeken verschijnen.

In het Vlaamse radioprogramma Neon liet Weverbergh weten dat hij als voormalig uitgever nog steeds manuscripten krijgt toegestuurd, waar ‘pareltjes’ bij zitten.

Weverbergh wil nog niet verklappen welke schrijvers hij gaat uitgeven. Per telefoon licht hij alvast een tipje van de sluier, al zijn zijn woorden wat cryptisch: op stapel ligt het manuscript van een ,,vroeg gestorven bekende Vlaamse auteur’’. Vermoedelijk gaat het hier om de in Vlaanderen tot mythische proporties uitgegroeide junkiedichter en schoonzoon van Weverbergh Jotie ’t Hooft, die op eenentwintigjarige leeftijd aan een overdosis overleed.

Wever & Bergh Publishers zal naast de gedrukte uitgaven ook gebruik gaan maken van internet. Weverbergh is bijvoorbeeld van plan volledige romans op het net te publiceren.

Boekverbod blijkt mogelijk

Bijna 60 procent van de Nederlanders, Vlamingen en Surinamers kunnen zich voorstellen dat bepaalde boeken verboden worden. Als een boek aanzet tot geweld is dat voor bijna de helft van de Nederlandssprekende wereldbevolking reden het te verbieden. Dat blijkt uit het vandaag verschenen onderzoek Taalpeil Lezen: feiten, cijfers en meningen, dat in opdracht van de Taalunie is uitgevoerd. Andere redenen om een boek te verbieden zijn: „als het een bepaalde bevolkingsgroep belachelijk maakt”; „als het een bepaalde godsdienst belachelijk maakt”; „als het aanstootgevend is” en „als het in strijd is met de grondbeginselen van de democratie.” Bij de laatste twee redenen zien respectievelijk 21 en 12 procent van de Nederlanders reden voor een verbod. De Vlamingen zijn de meest liberale lezers: 42 procent vindt dat er nooit een reden is om een boek te verbieden. 29 procent van de Nederlanders en 14 procent van de Surinamers vindt hetzelfde. De Taalunie laat sinds 2005 jaarlijks een onderzoek uitvoeren dat betrekking heeft op een specifiek gedeelte van het gebruik van de Nederlandse taal en om de drie of vier jaar een algemeen onderzoek.

Reinier Kist