Veiligheid is nu geen prioriteit

Veiligheid is geen groot thema in de huidige verkiezingscampagnes. Maar het wordt wel weer belangrijk. Komt er een ministerie van Veiligheid en een landelijk politiekorps?

Veiligheid speelt bij verkiezingscampagnes altijd een grote rol. Meer blauw op straat, lik-op-stuk-beleid voor criminele veelplegers of zwaardere straffen zijn terugkerende thema’s. Maar in het huidige campagnegeweld worden die thema’s veel minder aan de orde gesteld dan bij vorige verkiezingen. En als een formateur na de verkiezingsuitslag aan de slag gaat, zal vooral de vraag aan de orde zijn of de overheid voldoende is toegerust om veiligheid te garanderen. De vorming van een landelijk politiekorps én de komst van een minister van Veiligheid zijn dan de belangrijkste thema’s.

Oud-minister Elco Brinkman heeft op verzoek van het kabinet de mogelijkheden van een ministerie van Veiligheid in kaart gebracht. Daarbij was de vraag of ‘Den Haag’ bij een ramp of aanslag haar interne organisatie op orde heeft. Nee, is zijn conclusie.

Als het aan Brinkman ligt, komt er een overkoepelend ministerie van Bestuur en Justitie, een fusie van de bestaande ministeries van Binnenlandse Zaken en Justitie. Portefeuilles die niets met veiligheid te maken hebben, moeten worden overgeheveld naar andere ministeries.

Voor Brinkmans rapport lijkt politiek draagvlak te zijn. Premier Balkenende toonde zich al voorstander van een ministerie van Veiligheid. De VVD bepleit zo’n operatie in haar verkiezingsprogramma. Ook de PvdA wil concentratie van bevoegdheden, maar laat zich nog niet uit over de vraag hoe dat vorm moet krijgen.

Vorig jaar speelde de komst van een ministerie van Veiligheid en, in het kielzog daarvan, nationalisering van het politiebestel, een belangrijke rol bij de begrotingsbeschouwingen van de twee departementen. En minister Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD) kondigde wetgeving aan om de 25 regionale politiekorpsen om te vormen tot één landelijk korps.

De wording van dat landelijke politiekorps strandde als gevolg van de val van het kabinet en een eerste voorstel van Brinkman over de departementale megafusie werd afgewezen. Brinkman moest zijn huiswerk overdoen.

In de huidige campagnes speelt zijn jongste versie nauwelijks een rol. Maar in de praktijk van bijvoorbeeld terreurbestrijding is de noodzaak van eenduidiger aansturing bijna dagelijks voelbaar. De kans dat Nederland geconfronteerd wordt met een terreuraanslag wordt op de site van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding als ‘substantieel’ aangeduid. Het risico van een aanslag met biologische, chemische of nucleaire middelen wordt als ‘klein, maar wél reëel’ ingeschat.

Met name het voorkómen van aanslagen van die laatste categorie vergt veel coördinatie en aansturing. Bijvoorbeeld bij het voorkomen dat chemisch of nucleair materiaal naar Nederland geïmporteerd wordt. Daar zijn nu meerdere departementen, zoals de Koninklijke Marechaussee (Defensie), de douane (Financiën), de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), de Zeehavenpolitie (Binnenlandse Zaken/regiokorps Rotterdam-Rijnmond) en andere onderdelen van het ministerie van Defensie bij betrokken.

Juist voor departementen die zijdelings bij het voorkomen van aanslagen of bestrijding van de gevolgen ervan betrokken zijn, zoals Onderwijs, Volksgezondheid of VROM, is het van belang dat zij één aanspreekpunt hebben. Nu is dat verdeeld over de ministeries van Binnenlandse Zaken en Justitie, met als tijdelijke oplossing het bureau van de Nationale Coördinator Terrorismebestrijding.

Volgens Brinkman zijn de ambtelijke toppen niet in staat om een fusie tussen twee ministeries van de grond te tillen. Daarvoor zijn de cultuurverschillen én de onderlinge rivaliteit te groot. Het lukt alleen na een politieke oekaze waar een kabinetsformateur de aftrap voor moet geven.

Die operatie moet gelijk lopen met de vorming van een landelijk politiekorps, waar de PvdA én een groot aantal burgemeesters geen voorstander van zijn. Een kabinetsformateur kan besluitvorming over de contouren van zo’n ministerie van Veiligheid forceren. Maar het zal jaren durende reorganisaties vergen voordat een minister van Veiligheid daadwerkelijk beschikt over een volledig opgetuigd departement.