Tegenvaller: een gezonde baby

De hoogste Duitse rechter heeft bepaald dat een arts een toelage moet betalen aan een kind dat werd ge-boren omdat anticonceptie faalde. In Nederland ging de Hoge Raad hem voor.

DEN HAAG, 16 NOV. - De vraag of een arts moet betalen voor een gezonde baby na een mislukte anti-conceptie is in Nederland in 1997 al beantwoord door de Hoge Raad, eveneens met een ferm ja.

Het ging toen om de afwezigheid van een spiraaltje bij de vrouw, waarover de arts de ouders niet had ingelicht, maar die daar wel op rekenden. De ouders eisten na de onverwachte zwangerschap ‘vermogensschade’ die zou zijn ontstaan doordat de gezinsplanning was doorkruist – hun was immers het recht ontzegd om de omvang van hun gezin te beperken en daarmee de vrij besteedbare hoogte van hun inkomen.

Tot het arrest uit 1997 (LJN: ZC 2286, HR 21 2 97) had de hoogste rechter in Nederland, evenmin als de Duitse in Karlsruhe, ooit aangenomen dat de geboorte van een gezond kind als een financiële tegenvaller kon worden gezien waar een derde voor aansprakelijk was.

Het Duitse Federale Hof in Karlsruhe sprak dinsdag uit dat een gynaecoloog een toelage moet betalen aan een jongetje dat werd geboren omdat het anticonceptiemiddel Implanon van de fabrikant Organon niet werkte.

Ook in Nederland loopt er een zaak van vijftien vrouwen tegen Organon (Akzo Nobel) en hun huisartsen. In mei van dit jaar veroordeelde de rechtbank Alkmaar eveneens een huisarts tot schadevergoeding na een mislukte plaatsing van het middel Implanon.

In maart 2005 stelde de Hoge Raad in het meer bekende baby Kelly-arrest aansprakelijkheid vast voor de geboorte van een zwaar gehandicapt kind. Toen moest het ziekenhuis schade vergoeden, maar alleen voor de gevolgen van de handicaps. Bij die zaak was de vraag of er überhaupt ‘schade’ was vrij duidelijk – in de baby Kelly-zaak ging het om de grotere kwestie van ‘wrongful life’. De vraag of een gehandicapt kind of diens ouders een achteraf op geld waardeerbaar recht op abortus was ontzegd. Dat vond de Hoge Raad toen niet. Wel dat er betaald moest worden, maar alleen voor de handicaps.

In het minder bekende arrest uit 1997 ging het, net als gisteren in Karlsruhe, juist om schade door de geboorte van een gezond kind. De Hoge Raad nam toen als uitgangspunt dat ouders de omvang van hun gezin juist laten afhangen van hun financiële armslag. Daarom mag een onverwacht ‘extra’ kind als een tegenvaller worden gezien, die de verantwoordelijke arts aangerekend mag worden.

In meerdere landen speelt deze kwestie, met als belangrijkste tegenargument dat het definiëren van een kind als een ‘schadepost’ in strijd zou zijn met de waardigheid van het kind als mens, „omdat aldus zijn bestaansrecht wordt ontkend”. Ook wordt tegen de schade-eis wel ingebracht dat het kind later psychisch kan worden beschadigd als het ontdekt dat de ouders in de rechtszaal zijn bestaan ongewenst hebben genoemd. Immers een ‘schadepost’.

De Hoge Raad wees het etiket ‘schade’ echter af met de redenering dat de ouders juist omdat zij het kind hebben aanvaard recht op compensatie hebben. De extra uitgaven die zijn ontstaan moeten dan redelijkerwijs voor rekening van de arts komen, die immers een fout maakte. Het is ook in het belang van het kind en het gezin als die extra uitgaven tot een aanspraak op vergoeding leiden, meende het rechtscollege toen.

Verder vond de rechter niet dat het kind, eenmaal opgegroeid, alsnog gekwetst hoefde te raken. Het voorkomen van „vooralsnog anonieme gezinsuitbreiding is iets van geheel andere orde dan het niet wensen of aanvaarden van het kind als het eenmaal zijn individuele menselijke identiteit heeft gekregen”. De schadevergoeding gaat over de anonieme fase, niet over de periode waarin de foetus in een mens is veranderd.

Verder vond de Nederlandse rechter dat „ouders in het algemeen in staat zijn om aan het kind duidelijk te maken” dat de indruk van ongewenst zijn onjuist is. „Zij kunnen zelf die indruk logenstraffen door het kind met liefde en zorg groot te brengen.”