Armoede steeg én daalt door kabinet

De armoede steeg onder de kabinetten-Balkenende, maar zal dit jaar en volgend jaar dalen, voorspellen onderzoekers vandaag.

Den Haag, 16 nov. - Eén van de voornaamste verwijten die de linkse oppositie het kabinet-Balkenende maakt, is dat de armoede de afgelopen jaren is gestegen. Dat komt volgens PvdA, SP en GroenLinks niet door de economische recessie, maar door het kabinetsbeleid.

PvdA-lijsttrekker Wouter Bos zei het gisteren nog, tijdens een verkiezingsdebat in Rotterdam, dat op televisie werd uitgezonden. Hij zei dat er sinds het aantreden van het eerste kabinet-Balkenende veel meer voedselbanken zijn gekomen. Bos wilde met Balkenende de afspraak maken dat die er over twee jaar niet meer zijn.

Of ze echt zullen verdwijnen, is de vraag. Al lijkt het er wel op dat de armoede in Nederland de komende tijd zal afnemen. Daarop wijzen ramingen van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in hun Armoedebericht dat vandaag is verschenen.

Daarin staat dat de armoede de afgelopen jaren is gestegen. Dat begon in 2002, het jaar waarin Balkenende aantrad als premier. De onderzoeksinstituten voorspellen echter een kentering. Het percentage huishoudens met een laag inkomen daalt dit jaar en volgend jaar tot het laagste in jaren (8,8 procent). Vooral onder alleenstaande ouderen zal de armoede afnemen, verwachten zij. De inkomenspositie van 65-plussers wordt al sinds 2000 beter.

In verkiezingstijd is dat belangrijk nieuws. CDA-lijsttrekker Balkenende reageerde vanochtend verheugd op de cijfers. Volgens hem blijkt hieruit dat het sociale beleid van zijn kabinetten, na een moeilijk begin, aantoonbaar vrucht afwerpt. Hij vindt dat de linkse partijen „te grote woorden” hebben gebruikt over de armoede.

Zijn de gestegen armoedepercentages van de afgelopen jaren een gevolg geweest van het regeringsbeleid? Dezelfde vraag kan worden gesteld bij de kentering die CBS en SCP nu voorzien. Mag Balkenende die op zijn conto schrijven, zoals hij nu doet?

Volgens de onderzoekers kwam de stijging van het percentage huishoudens met een laag inkomen de afgelopen jaren „grotendeels door de verslechtering van de koopkracht in 2003 en 2005”, zo schreven zij vorig jaar in de Armoedemonitor. „De oplopende werkloosheid speelt een minder belangrijke rol.” Het kabinetsbeleid, waaronder de bevriezing van de uitkeringen, was dus meer een oorzaak van armoede dan de recessie.

Dit jaar en volgend jaar zal de koopkracht verbeteren, heeft het Centraal Planbureau (CPB) in september voorspeld. Een stijging van de lonen, de afschaffing van het gebruikersdeel van de onroerendezaakbelasting, de verhoging van de algemene heffingskorting, de kinderbijslag en de kinderopvangtoeslag zullen bijdragen tot die hogere koopkracht. Alleenstaande ouderen gaan er in koopkracht het meest op vooruit, onder meer door de invoering van de alleenstaande-ouderenkorting.

Conclusie: het kabinet-Balkenende speelde een rol bij beide bewegingen: de stijging én de daling van de armoede.