Voetbal - niet te filmen

Voetbal is een onoverzichtelijk drama dat voor de film meestal wordt versimpeld tot pingelen. Goede regisseurs maken juist van de verwarring gebruik.

Amerikaanse filmers hebben het maar makkelijk met hun nationale sport. Drie shots en je hebt honkbal in beeld gebracht. Eén op de werper, twee op de slagman en drie op de bal die in een wijde boog door het luchtruim zeilt.

Nee, dan wij met ons voetbal. Vált dat eigenlijk wel te filmen? Wel zolang het op het niveau van Sjakie en zijn wondersloffen blijft, met iemand die pingelt en wint. Bend it Like Beckham (2002) met zijn multiculturele boodschap verpakt in een voetbaltas. Das Wunder von Bern (2003) met de overwinningssymboliek van het eerste beschaafde Duitse elftal van na de oorlog. In Oranje (2004) is ook zo'n film en natuurlijk Escape to Victory (1981), waarvoor John Huston een duel van kampbewaarders tegen krijgsgevangen regisseerde. De wedstrijd is één absurde aaneenschakeling van overtredingen (door de Duitsers) en spectaculaire omhalen (door Pelé, als Amerikaan) en dito reddingen van keeper Sylvester Stallone. Hahaha. Heeft niets met voetbal te maken.

Echt voetbal is een onoverzichtelijk drama waarvan alleen groten als Johan Cruijff of Studio-Sportregisseur Martijn Lindenberg de volle omvang kunnen overzien. Een wirwar van lichamen en daartussen de bal die zijn eigen, onnavolgbare koers volgt.

In Kruistocht in spijkerbroek is hoofdpersoon Dolf een jeugdinternational die in het verleden zijn kinderlijke egoïsme afschudt en en passant zijn middeleeuwse vrienden leert pingelen. De voetbalbeelden in Kruistocht in spijkerbroek zou Martijn Lindenberg hebben kunnen regisseren.

In Garpastum van Aleksej German jr. is het voetbal een buitenspel, op een veldje, tussen de loodsen, in een steil aflopende straat. Het is ruig en hard en de camera heeft evenveel aandacht voor de bal als voor de hoeden die de jongens al spelend dragen, of hun hoge bruine schoenen. Toen de film in première ging, vorig jaar in Venetië, vertelde de regisseur dat hij niet zoveel met voetbal opheeft en dat was te zien. Voetbal is een manier om het vuur en de rivaliteit van twee jonge broers te visualiseren. De onoverzichtelijkheid ervan past perfect bij de setting van de film: revolutietijd.

Hetzelfde geldt voor Life is a Miracle (Emir Kusturica, 2004). De Serviër vindt dat niemand ooit voetbal zo goed in beeld heeft gebracht als hij. Hij had de camera een vaste lijn op de as van het veld gegeven en daar ging hij heen en weer. De wedstrijd tussen Serviërs en Bosniërs ontspoort en de burgeroorlog die dan uitbreekt is een voortzetting van het voetbal met andere middelen – even onoverzichtelijk en grillig als de sport.

Die Angst des Tormanns beim Elfmeter (Wim Wenders, 1972) voert de onoverzichtelijkheid naar grote hoogte. De camera staat stijf op de doelman. We horen het spel zich voltrekken, maar aan de reacties van de keeper kunnen we niet aflezen wat er gebeurt. Tot hij verstrakt en zich kennelijk opmaakt voor een redding, en ineens de bal naast hem in het doel ploft. Ontreddering. Ja, dát is voetbal.