Niet bang zijn voor de Russen

Michael Glos staat als Duits politicus bekend om zijn verbale tirades. Het vak van minister vergt een andere woordkeus. Zeker als het over Rusland en de energie gaat. En in de Duitse economie is „het vertrouwen terug”.

‘Of er een stroomoorlog dreigt met Nederland? Welnee. Integendeel, Duitsland en Nederland moeten de hechte samenwerking intensiveren die er al is op het gebied van de energievoorziening.’’ Dit zegt Michael Glos, de Duitse minister van Economische Zaken en Technologie.

Glos, een goedlachse Beier, was begin deze week voor een kort bezoek in Den Haag om in de Ridderzaal het honderdjarig jubileum te vieren van de Duits-Nederlandse Kamer van Koophandel. De nauwe economische betrekkingen tussen beide buurlanden zijn goed voor meer dan 100 miljard euro per jaar en voor tienduizenden arbeidsplaatsen. Voor Nederland is Duitsland de belangrijkste handelspartner. Op zijn beurt drijft Duitsland meer handel met Nederland dan met Rusland en China samen, zegt Glos.

De voormalige molenaar uit de regio Unterfranken geldt als een rasechte politicus. Toen hij oppositioneel parlementariër in de Duitse Bondsdag was, maakte de christelijk-sociale democraat (CSU) vooral furore met zijn verbale tirades tegen de groene ministers Jürgen Trittin en Joschka Fischer in het kabinet-Schröder, die hij voor „ecostalinisten” en „stenengooiers” uitmaakte. Sinds precies een jaar is Glos minister in het coalitiekabinet van CDU/CSU en SPD, dat wordt geleid door de christen-democratische bondskanselier Angela Merkel. Glos wordt geconfronteerd met serieuze problemen die vragen om een oplossing, zoals de starre arbeidsmarkt, de privatisering van de spoorwegen, het breken van de macht van de energieconcerns.

Tijdens de lunch in de Ridderzaal, met zijn Nederlandse ambtscollega Joop Wijn, is energie een belangrijk gespreksonderwerp. Want de stroomstoring van begin november, die ertoe leidde dat miljoenen Europeanen – zelfs in Eindhoven en Tilburg, maar ook in Parijs, België en Zuid-Europa – plotseling in het donker zaten, heeft in Europa voor grote onrust gezorgd.

Glos: „Juist omdat we een goed vangnet hebben ontwikkeld, zijn we in heel Europa godzijdank ontsnapt aan een complete blackout. Toch zijn er flinke investeringen nodig in het Europese energienetwerk om de stroomvoorziening permanent te garanderen, een groter aanbod te genereren en lagere prijzen te realiseren. Daarom wil Duitsland als het op 1 januari 2007 EU-voorzitter wordt, een actieplan voor energie opstellen.”

Hoe betrouwbaar is Duitsland nog als leverancier van stroom?

„Wij betreuren het zeer, dat de storing in Duitsland is veroorzaakt. Maar de uitval had overal kunnen optreden. We zijn druk bezig de exacte oorzaken op te sporen. Zodra dat helder is, beslissen we wat nodig is om herhaling te voorkomen. Het is in ieder geval verkeerd om uit dit ene geval conclusies te trekken over de algehele kwaliteit van de stroomvoorziening in Duitsland. De veiligheid van onze stroomvoorziening is vergeleken met die in Europa heel hoog. Met Nederland werken we heel nauw en effectief samen. Nederland importeert een wezenlijk deel van zijn stroom uit de Bondsrepubliek. Samen met Frankrijk, België en Luxemburg werken we er intensief aan om het management van het onderlinge net beter te coördineren.”

De Bondsrepubliek wil zich tijdens het EU-voorzitterschap speciaal inzetten voor een Europees energiebeleid. Hoe moet dat eruit zien?

„We hebben verschillende leveranciers nodig, vooral bij aardgas. We willen niet dat Europa eenzijdig afhankelijk wordt van Rusland. Ook Noorwegen stelt gas ter beschikking.

„Op de stroommarkt willen we eveneens meer concurrentie en minder obstakels bij grensoverschrijdende handel. De interne markt voor energie moet eindelijk gaan functioneren. Er moeten meer aanbieders op de markt komen en er moet in nieuwe energiecentrales worden geïnvesteerd.

„En vergeet de atoomenergie niet – in Duitsland een netelig thema. Maar we hebben een verstandige mix van verschillende energiesoorten nodig, ook windenergie. Daarnaast moet heel Europa veel efficiënter met energie omspringen.”

Iedereen klaagt over de hoge energieprijzen. Wat gaat u daaraan doen?

„De Europese Commissie vecht tegen prijsafspraken. Zij is met onderzoeken bij diverse bedrijven in verschillende landen begonnen.

„We moeten deze zaken eerst nationaal aanpakken. Ik ben in Duitsland bezig het kartelrecht te verscherpen, zodat we dominante stroomproducenten op de vingers kunnen tikken zodra ze hun macht op de markt misbruiken. Ze mogen geen prijzen meer vragen die onevenredig veel hoger zijn dan de werkelijke stroomkosten.”

Hoe afhankelijk is Europa intussen van de Russische stroom- en gasleveranties?

„De Europese Unie betrekt een kwart van haar olie- en gasbehoefte uit Rusland, Duitsland zelfs eenderde. Het is een wederzijdse afhankelijkheid want de energiesector verzorgt meer dan de helft van de Russische industriële productie en ongeveer 60 procent van de Russische exportinkomsten. De Russen zijn al veertig jaar lang betrouwbare leveranciers van gas en olie.”

Moeten de Europese burgers bang zijn voor participatie van Russische investeerders in strategische Europese ondernemingen?

„Er is geen reden om bang te zijn. De globalisering leidt nu eenmaal ook tot internationale vervlechting van bedrijven. We kunnen Russische ondernemers niet uitsluiten van dit proces. Rusland heeft de afgelopen vijftien jaar een grote stap richting markteconomie gezet. Ons probleem is eerder, dat Rusland zelf te weinig doet om zijn strategische sectoren en bedrijven te openen voor buitenlandse investeerders.”

Gaat het bergopwaarts met de Duitse economie?

„De Duitse motor is weer aangeslagen. Toen de grote coalitie begon was de toestand zorgelijk. Inmiddels is een keerpunt bereikt. Vertrouwen en optimisme zijn in de Duitse economie teruggekeerd. Dit lopende jaar rekenen we op een groei van 2,3 procent, volgend jaar op 1,5 procent ondanks de verhoging van de btw. En met een overheidstekort van 2,5 procent van het bruto binnenlands product blijven we dit jaar onder de eurogrens van 3 procent. Dat is ook toe te schrijven aan deze regering.’’

Toch is de werkloosheid met ruim 4 miljoen nog altijd hoog.

„De werkloosheid is in oktober voor het eerst in vier jaar weer onder de 10 procent gedaald. Vooral de langdurige werkloosheid is veel te hoog. De arbeidsmarkt moet flexibeler worden, ook het ontslagrecht. Ik verzet me hevig tegen invoering van een minimumloon, omdat dit de concurrentie op de arbeidsmarkt gevoelig beperkt. Ik ben blij dat de kanselier deze opvatting deelt.”

Kunt u de eurosceptische Nederlanders nog moed inpraten?

„Na jullie parlementsverkiezingen gaat het vast beter. De europeanisering kent meer winnaars dan verliezers. Ook de Nederlanders zijn winnaars, zeker als sterk handelsland dat is aangewezen op een vrije markt. Juist dat kan niet functioneren zonder het gemeenschappelijke Europa.’’