Doorsnee moordzaak als nationale ‘whodunit’

Vandaag dient voor de Hoge Raad de heropening van de Deventer moordzaak. Er is veel twijfel over de veroordeelde en het vonnis. Is er vaker sprake van rechterlijke dwalingen? Burgers denken van wel.

Zeven jaar geleden baarde de Deventer moordzaak nog weinig opzien. Het slachtoffer was een gewone burger, de hoofdverdachte ook.

Nu doet opiniepeiler Maurice de Hond intensief onderzoek in de zaak. Hij publiceerde dat onderzoek behalve op zijn website in een pamflet met de titel Oordeel zelf. Via internet krijgt elke ‘onthulling’ van De Hond honderden reacties, veelal van mensen voor wie vaststaat dat een onschuldige is veroordeeld.

De Hond heeft bereikt dat justitie de zaak dit jaar opnieuw onderzocht – en vorige week zelfs de deksteen van het graf takelde, om te kijken of er een mes onder lag. Hoewel dat niet zo bleek te zijn, was de actie de opening van het NOS-journaal.

De Deventer moordzaak staat niet op zichzelf. De zaak past in een serie zaken waarin twijfel bleef bestaan aan het oordeel van de rechter. In de Puttense moordzaak bijvoorbeeld, zaten twee mannen zeven jaar uit voor de moord op een stewardess. Na hun vrijlating kregen ze een nieuw proces en werden ze vrijgesproken. Bij de Schiedamse parkmoord zat een onschuldige vast tot de werkelijke dader de moord bekende.

Na een vernietigende evaluatie van deze laatste zaak werd de commissie-Buruma ingesteld, die afgesloten strafzaken opnieuw kan onderzoeken. Deze commissie buigt zich nu onder meer over de zaak van Ina Post, een bejaardenverzorgster die naar eigen zeggen vier jaar onschuldig gevangen heeft gezeten voor moord. En dan is er ook nog verpleegkundige Lucia de B., die levenslang kreeg voor zeven moorden. Ook over haar schuld bestaat grote twijfel.

Maurice de Hond is ook niet de enige burger die zich inspant om een rechterlijke dwaling aan te tonen en ongedaan te maken. Misdaadverslaggever Peter R. de Vries wijdde meer dan veertig uitzendingen aan de Puttense moordzaak. Een groep burgers zette zich jaren in voor de volgens hen ten onrechte veroordeelde ‘homobutler’ Dick van Leeuwerden. Emeritus hoogleraar filosofie Ton Derksen schreef een boek ter verdediging van Lucia de B. en schrijver Maarten ’t Hart beschreef haar onlangs in NRC Handelsblad als slachtoffer van een hedendaags heksenproces.

Al deze mensen hebben gemeen dat zij het vonnis van de rechter niet als het laatste woord beschouwen. Sterker: de rechters zitten ernaast, zíj weten het beter.

Volgens Marc Hertogh, hoogleraar rechtssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen, blijft dit verschijnsel niet tot deze voorbeelden beperkt. Hij ziet een bredere ontwikkeling van ‘rechtsvervreemding’ bij burgers. Marc Hertogh: „De afstand tussen de rechtsstaat van de juristen en die van het publiek wordt steeds groter. Het is niet meer: de rechter zegt het dus het zal wel zo zijn. Mensen willen zelf afwegen of iets nog aan hun rechtsgevoel voldoet.”

Het begin van die ontwikkeling plaatst Marc Hertogh bij de Witte Mars in België, tien jaar geleden. Meer dan 300.000 mensen demonstreerden toen in Brussel tegen een rechterlijke uitspraak in de zaak-Dutroux. Hoewel in Nederland nooit zo’n menigte op de been kwam tegen een rechterlijk vonnis, ziet Hertogh ook hier tekenen van rechtsvervreemding: in de zaak-Lucia de B., in de massale afwijzing van de Europese Grondwet en in de protesten van actiegroepen als Fathers4Justice en tegenstanders van de identificatieplicht.

En in de Deventer moordzaak. Marc Hertogh vindt het opvallend dat zoveel mensen via internet reageren op en meedenken met Maurice de Hond. Hertogh: „Het is een enorme stap om je in het openbaar over zo’n zaak uit te laten. Als mensen die stap zetten, gaat het waarschijnlijk om iets dat hen al langer dwarszit. De zaak wordt een metafoor – mensen verwijzen naar Louwes en Lucia de B. vanuit een algemener gevoel van onbehagen.”

Mediadeskundigen zien ook andere mechanismen aan het werk. Volgens Peter Burger, docent wetenschapsjournalistiek aan de Universiteit Leiden, speelt de verleiding van complottheorieën een rol. „Het idee dat je zelf een stukje van de puzzel kunt oplossen. Samenzweringstheorieën over 11 september en de moord op Kennedy zijn ook heel populair.”

Peter Burger ziet verder een parallel met bijvoorbeeld mensen die zich bezighouden met het gevaar van UMTS-straling. „Een betrekkelijk kleine groep maakt zich daar zorgen over. Die eist onderzoek dat uitsluit dat UMTS-masten een gevaar zijn. Het probleem is dat niemand hun absolute zekerheid kan geven. Ook Maurice de Hond kan nog heel lang om nieuwe onderzoeken vragen. Meneer Louwes maakt op mij een degelijke indruk, maar misschien heeft hij het wel gedaan. Zekerheid heb je nooit.”

Volgens mediasocioloog Peter Vasterman legde justitie zelf met gebrekkig onderzoek de kiem voor de twijfels over de Deventer moordzaak. Later was de fout van justitie vooral dat zij te karig communiceerde, zegt hij. Peter Vasterman: „Als iemand iets beweert dat niet helemaal klopt, moet je meteen reageren. Anders raak je de regie kwijt en wordt er van alles omheen gebouwd.”

Dat de publiciteit niet verstomt, komt volgens Vasterman ook doordat de Deventer moordzaak in veel opzichten een mediageniek verhaal is. „HP/De Tijd en Netwerk hebben er veel werk van gemaakt. Het is natuurlijk een mooie scoop om een rechterlijke dwaling aan te tonen.”

Daarnaast heeft de zaak kenmerken van een thriller of een soap. „Je weet niet hoe het afloopt. Er zijn steeds nieuwe wendingen en deelverhalen. We hebben Louwes op tv gezien en we hebben hem horen praten. Hij is een soort bekende Nederlander geworden. Heeft hij het wel/niet gedaan – iedereen heeft er wel een mening over.”