‘DNB kan toets politiek doorstaan’

Het optreden van De Nederlandsche Bank (DNB) rond het faillissement van Van der Hoop Effektenbank kan de politieke toets goed doorstaan.

Dat heeft minister Zalm van Financiën gisteren in een brief aan de Tweede Kamer laten weten. Zalm baseert zijn oordeel op het curatorenverslag dat vorige week is verschenen en op reacties van De Nederlandsche Bank en de Autoriteit Financiële Markten, de belangrijkste toezichthouders, en zegt dat er nu een „zo compleet mogelijk beeld” bestaat van de gang van zaken rond het bankroet van Van der Hoop. „Nader onderzoek acht ik derhalve niet nodig.”

Afgelopen vrijdag brachten de curatoren van Van der Hoop rapport uit over de oorzaken van het faillissement. Daarbij constateerden zij dat DNB tekort is geschoten in haar toezicht op Van der Hoop en dat de potentiële schade van fiscaal gedreven handel in vennootschappen door Van der Hoop al in augustus 2003 bekend was. De banktoezichthouder had volgens de curatoren ten minste in 2004 een onderzoek moeten openen.

Zalm wijst in zijn brief aan de Kamer op het onderzoek dat De Nederlandsche Bank zelf heeft laten uitvoeren waarbij erkend wordt dat met de wijsheid van achteraf „op sommige aspecten van het toezicht verbetering mogelijk is”.

Advocaten van De Brauw onderzochten in opdracht van De Nederlandsche Bank de kwestie en komen tot de conclusie dat De Nederlandsche Bank „het toezicht [...] in algemene zin adequaat heeft uitgeoefend”. De onderzoekers plaatsen daarbij wel de kanttekening dat het toezicht niet altijd „optimaal effectief” was, mede doordat Van der Hoop het vertrouwen van DNB beschaamde.

Volgens de onderzoekers van De Brauw achtte De Nederlandsche Bank het ongepast om contacten met de commissarissen van Van der Hoop te onderhouden. Hierdoor heeft de toezichthouder belangrijke bronnen om de situatie te beoordelen buiten beschouwing gehouden. De Brauw beveelt DNB aan om voortaan rechtstreeks contact te onderhouden met commissarissen van banken en om „routinematig” notulen van aandeelhoudersvergaderingen en van vergaderingen van raden van commissarissen te lezen.

De curatoren vinden dat DNB soms „te mechanisch” te werk ging. DNB paste modellen toe voor bedrijfseconomische rapportage die onvoldoende inzicht gaven in toekomstige ontwikkelingen. Daardoor „stond Van der Hoop er slechter voor dan DNB tot 9 december 2005 [een week voor het faillissement, red.] inschatte”.